NECTON

Der Weg ist das Ziel

Filipijnen

20maart

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bericht ontvangen op 10 februari:

Klaas Bes

We zijn weer aan boord! Gelukkig is alles nog aanwezig en in goede staat aangetroffen. Ocean View Marina in Davao maakt waar wat ik had gehoopt. Een goede beveiliging die werkt!Dong Dong heeft op de boot gepast
De vogeltjes zullen wel niet zo blij zijn dat we terug zijn, want menig plekje bleek aan dek met regelmaat bezocht. Dat wordt dek schrobben! Wel wennen om weer in ruim 40 graden Celsius binnen te stappen. Gelukkig nu alles open en eerst maar eens goed door luchten. Na een paar dagen zijn we vast weer aan de 30 graden buiten gewend.
Wel is nu zeker dat de opgestuurde doos met reserve onderdelen niet op tijd aan komt. We gaan een haven in de buurt van Manilla zoeken om alles aan boord te krijgen. Gelukkig heb ik de koppeling en het giekbeslag in mijn eigen bagage meegenomen. Klaas en ik hebben genoeg te doen. Nu eerst bijkomen van een wel heel lange vlucht………………………………

 

IMG 0054
De 3 maanden thuis in Groningen zijn als sneeuw voor de zon verdwenen. Het was heerlijk om Anne en de (klein)kinderen weer om mij heen te hebben en zoveel warme contacten te kunnen hernieuwen. Het stormseizoen is voorbij en een tocht in de tropen op de Filipijnen ligt voor de boeg. Op weg naar Japan!
Thuis is veel tijd besteed aan het verwerven van nieuwe onderdelen voor de Necton of het reviseren er van. De koppeling van SB motor gaat mee in de handbagage en zal wel weer heel wat discussie bij de douane oproepen. Liever dat, dan een zo essentieel onderdeel mogelijk kwijt raken. Het nieuwe giekbeslag gaat in deze versterkte vorm waarschijnlijk nooit meer stuk.
Ook is het spannend of de verstuurde door met o.m. anti-fouling erin op tijd in Davao aan komt. De vlaggen om als gastenvlag te hijsen zijn voor Japan, Amerika (Alaska) en Canada binnen. Vooral op deze tochten ver van Nederland is het niet gemakkelijk bemanning te vinden. Heel gelukkig daarom met de geboden optie van George Kniest om op hun site een banner te plaatsen. Het heeft 2 opstappers opgeleverd. Al met al is er nu op elke reis een opstapper en zelfs meestal 2. Een gelukkige start voor de komende reis die ons weer naar Europa moet brengen.
Benieuwd hoe het schip er in Davao bij ligt………………….

jaap Michel van George Kniest nieuw beslag giek

nieuwe koppelingsplatent

erug naar boven

Bericht ontvangen op 14 februari:

Hel in de machinekamer! 
hel in de machinekamer

Het seizoen is aan het wisselen. De wind draait soms de hele klok rond en vaak is er een regen of donderbui. De temperatuur is ruim boven de 30 graden en door de vochtigheid vooral erg drukkend. Omdat de boot op het droge staat is dit ook volop in de zon. De huid van het schip wordt brandend heet en binnen wordt het daarom overdag snoeiwarm. We hebben de Webasto aan om koude lucht door de boot te blazen en dat helpt een beetje. We moeten vooral in de SB machinekamer zijn en daar zijn de temperaturen nog hoger. We meten ze maar niet; wel ben je na een paar minuten werken totaal nat van het zweet. Ook hier gelukkig een lucht-afzuig die het nog enigszins dragelijk maakt. Zonder dat was het niet te doen.
De koppeling met zijn nieuwe platen in elkaar zetten gaat met de meegegeven instructie van Middelzee uit Sneek relatief eenvoudig. We hebben hem zo in elkaar. De motor is los gemaakt van de fundatie om de koppeling los te krijgen en hangt in een takel. Nu moet de boel weer op zijn plaats. Zelfs met de hulp van Chartan en 2 van zijn lokale helpers lukt het aanvankelijk niet. We krijgen de motor net niet recht genoeg voor de koppeling. Omdat de motor 300 kg weegt, kun je er met de hand niet zo veel mee doen en moet de hulp komen uit het kettingtakeltje die ik standaard bij me heb. Eerst maar even stoppen om na te denken. Door het hijsen van de motor aan de bestaande ogen aan de motor trekt deze een beetje scheef. Met een landvast creëren we een ander aangrijpingspunt en nu takelen we de motor vrijwel pal voor de koppeling. Klaas staat onder het schip en manoeuvreert op geschreeuw onder de staart van de saildrive een beetje bij. Floep daar gaat hij er in en even een vreugde kreetje! Gauw bouten we motor en koppeling definitief aan elkaar en dan kan het opbouwen weer beginnen. 
De kennis van Klaas komt goed van pas. Omdat de SB motor altijd een beetje naar BB trok, gaan we op zijn advies de motor een beetje meer naar BB op de fundatie zetten. De ruimte op de trillingdempers onder de motor gebruiken we maximaal. Natuurlijk gaat het met 1 bout fout en draait deze er scheef in. Alles weer los en eerst een tap er door. Daarna glijdt ook deze bout soepel op zijn plaats. We fixeren de bouten met Loctite en tevreden constateren we dat de motor weer op zijn plek staat. De volgende dag verder en vroeg in de ochtend maken we eerst een schot doorvoer voor de zoutwater kraan. De aanvoer zit nu via het toilet voor en ondanks afsluitbare elektrische kranen e.d. is het toch niet fris. Daarom verplaatsen we de aanvoer naar de machinekamer waar ook de watermaker zijn aanvoer heeft via de saildrive. Diep laag garandeert de aanvoer van schoon water. Nu de aangebouwde dynamo’s aan de motor er nog af liggen, kunnen we er relatief gemakkelijk bij. Klaas demonteert de boel voor en verplaatst de aanvoerslang naar achteren. De voorraad bergplaatsen onder de vloer moeten leeg om bij de slang te komen. Dit geeft ons ook de mogelijkheid om de bestaande voorraden te inventariseren. Klaas noteert alles zorgvuldig en en passant maken we alles schoon. Een doorvoer in de machinekamer maken is weer een zwaar zweet karwei. Ook dat lukt uiteindelijk. Nu eerst de kit laten drogen en dan de slangen aansluiten. De zoutwaterpomp van de motor krijgt een nieuwe impeller en alle vaste onderdelen om de riemen van de dynamo’s te geleiden krijgen weer hun plaats. Morgen is het zondag en een dagje vrij lokt. Ook is het een goed vooruitzicht om het motor gedeelte af te maken. Nu eerst eten koken en even bij komen. Klaas werkt zich op om een macaroni schotel te maken. Ik ben benieuwd………………..

 terug naar boven

Bericht ontvangen op 21 februari:

Het is altijd weer prettig te constateren dat er > 1 kok aan boord is. Klaas heeft plezier in het komen en dat proef je! Ondertussen rijgen de dagen zich aaneen. Een aantal keren hebben we de stad Davao bezocht met zijn grote super Malls en navenante supermarkten. We hebben zoveel voedsel aan boord gesleept, dat we wel haast door kunnen varen naar de Noordpool! Ook hebben we een dongel kunnen aanschaffen zodat we op de Filepijnen onderweg ook nog via internet in contact kunnen blijven met het thuisfront. Op de jachthaven is de verbinding zo zwak dat met regelmaat verstuurde e-mails blijven hangen. Hopelijk zijn we daar nu van af. 

De schroeven onder de boot zijn weer gepolijst en van nieuwe zink-anoden voorzien.Klaas brengt nieuwe rubberflappen aan Klaas vervangt de zeemanskutjes van de saildrives (rubberflappen). Veel tijd hebben we in een soort kooi in de lucht gehangen om een poging te doen de windgenerator weer aan de praat te krijgen. Alle draden nu perfect geïsoleerd, alleen werkt de windmolen nog steeds niet. Zonder de molen geen kortsluiting dus het probleem zit waarschijnlijk in de molen zelf. De koolborstels lijken nu de oorzaak; hopelijk krijgen we morgen een antwoord met een positief resultaat. Daarna nog het onderwaterschip in de anti-fouling en alle afsluiters invetten. Deze zijn van Marlon (een soort nylon) en kunnen tegen vorst. Ze hebben als nadeel dat als je ze niet invet, ze vast gaan zitten. Ook de SB motor is nog niet helemaal klaar met opbouwen. Geen tijd om ons te vervelen in deze hitte. Morgen weer verder en eerst zorgen dat we het water weer in kunnen. Het kriebelt al behoorlijk en graag willen we onderweg!

 

terug naar boven 

Bericht ontvangen op 24 februari:

We zijn compleet. Vanmiddag hebben Klaas en ik Lia van het vliegveld gehaald. 04.jpgWe hebben de bus van de jachthaven kunnen charteren. Deze is vergelijkbaar aan een taxi. Wel brengt deze ons ook langs een supermarkt om zo verse spullen voor de eerste maaltijd te halen. Omdat alles vrijwel voor de boot wordt afgeleverd, nemen we ook nog een lading sappen en frisdrank mee. We eten uitgebreid en lekker. Voor Lia een hele overgang van het koude weer in Nederland naar de tropische hitte hier. We vinden voor alle boodschappen nog een plek; wel komen we aan het einde van de opberg-capaciteit van de Necton. Alleen nog verse spullen en dan is het gedaan. 

Met 3 zeilers aan boord krijg je in 1 dag veel gedaan. Klaas en ik vernieuwen de impellers van beide motoren en sluiten de zoutwaterkraan opnieuw aan. Ondertussen is het dek blinkend schoon door inzet van Lia en gaandeweg de dag ruimen we alles op. We krijgen zelf het eerste zeil al aangeslagen en ook vervangen we het beslag aan de giek. Fris water is getankt en als we er in slagen de beide grootzeilen morgen aan te slaan en de genua, kunnen we overmorgen weg. Aan het voorgrootzeil moeten we nog een leuver naaien. Alle attributen die nodig zijn hebben we aan boord. Na weer een dag erg hard werken gaan we uit eten in Babak, het dorpje op het eiland.
Onze laatste dag in de jachthaven Ocean View op Samal slaan we de zeilen aan. Met z’n drieën werken we al als een team.Tussen de middag zitten de zeilen er op en en passant is het ook binnen schoon en opgeruimd. Onze middag missie loopt wat minder voorspoedig. Bij de immigratie zijn ze nogal streng met kleding. Klaas en ik mogen er in met onze lange broek en een hemd met een kraag. Lia loop met een luchtig jurkje en die wordt te kort bevonden; ze mag er niet in! Er zit niets anders op dan dat ik alleen naar binnen ga en zij samen buiten in de hitte blijven wachten. De dame die verantwoordelijk is om jachten in en uit te klaren en een clearance af te geven is naar een groot schip. Om 5 uur terugkomen is het advies. 
Wij gaan op missie om olie voor de oliedruk aan boord te halen. Er moet nodig bij gevuld worden en mijn eigen voorraad is op. Van het kastje naar de muur en terug en het enige wat we bereiken is een vat van 18 liter. Daar hebben we geen zin in. Toch nog een ultieme poging en dan komen we bij een zaakje voor auto onderdelen. Ook daar weer 18 liter tot na enig aandringen en onderhandelen de man op het idee komt om rond te bellen. Jawel hoor even later komt een brommertje met 4 liter SAE 10; precies wat ik zoek. De immigratie daarna gaat redelijk vlot en tot slot de laatste verse boodschappen aan boord. Het is al donker en nog maar net stouwen we e.e.a. weg of daar komen de yachties afscheid nemen. Er is een Schot bij, die net van een olieplatform terug is en hij is zeer geïnteresseerd in de motoren. Als ik SB motorkamer opentrek, zie ik tot mijn schrik water. Normaal gesproken controleer ik altijd voor vertrek; nu wel een cadeautje om het tijdig op te merken. De impeller lekt en de aanvoer slang. De Schot heeft nog een passend verloop stuk en voor de zekerheid zetten we alles nieuw in de impeller. Handig om met Klaas dit soort klussen te doen. Ondertussen maakt Lia een bijzondere schotel klaar en we eten hongerig en met smaak. De oliedruk wordt bijgevuld en alle 4 liter verdwijnen in het grote vat. We sluiten de achterklep en ruimen de laatste dingen op. Intussen is het na middernacht. Moe en voldaan douchen we ons schoon en slapen de laatste uren voor vertrek. Het is 25 februari 2015: om 08.00u gaan we naar zee!

 

Bericht ontvangen op 26 februari:

we knokken verder...............

 Klokslag 08.00u vertrekken we. Op de kant een aantal yachties en ook vanuit diverse schepen wordt de hoorn geblazen. Vele goede wensen vergezellen ons. We draaien de scherpe bocht de haven uit en eenmaal buiten een vreugde rondje. Dan zetten we koers zuid. We zijn nog voor hoog water en hebben daardoor een beetje stroom tegen. We passeren de ferry waar we zo vaak mee heen en weer zijn gevaren. In de middag valt de wind totaal weg. Dat is een prettig gegeven want de ZO punt van Mindanao is berucht. De equatoriale stroom bots boven tegen Mindanao aan en splitst zich hier. De ene helft buigt af naar het noorden en de andere helft naar het zuiden. De hele kust van Mindanao hebben we daarom de stroom tegen, een stuk van 200 mijl. De tegenstroom  varieert tussen de 1 ½ en 2 knoop. Bij de kaap die wij nu moeten ronden loopt het op tot 4 mijl tegen. Overal staan op de kaart waarschuwingen voor steile golven.
 Middagbestek: 25 februari 006 49.7N 125 47O afgelegd 32 mijl
 Onderweg zien we veel vissersprauwen in allerlei grootten. Het verbazende is dat ze aan een soort boei midden in de Golf van Davao vast te lijken liggen. Het is hier een onvoorstelbare 2.000m diep. Dat moet wel een lang touwtje zijn………..Dolfijnen begroeten ons en ze dartelen de Golf in. We bereiken de meest zuidelijke breedte van deze reis. 006 13 Nb. We ronden Kaap San Augustin om 18.30u. We zijn de kaap nog niet rond of het begint hard te waaien. Aanvankelijk NO 5 en later NO 6. Daar moeten we recht tegen in! Snel wordt een 2e rif gezet en onze snelheid stort totaal in. De snel opbouwende steile zee maakt dat we de neus er af en toe in steken. Patrijspoorten die niet goed dicht gedraaid zijn eisen hun tol. De snelheid over de grond loopt terug tot 2 ½ mijl. Dat schiet niet echt op. Echt weer om je lekker katterig bij te voelen. Lia krijgt een soepje warm en het moreel stijgt weer wat. Stug volhouden; we weten dat we hier doorheen moeten. Klaas neemt om 20.00u de wacht over en vecht zich tergend langzaam naar het noorden. Hij ontmoet ook de eerste 2 schepen. Een komt ons met een 20 knopen tegemoet. Wat een verschil!
 De diepte neemt weer toe en daarmee neemt de steilheid van de golven af. Een opgehaald weerbericht bevestigd het beeld van eerder. Windkracht 3 tot 4 en geen 6. De regenbuien die overtrekken herbergen kennelijk deze hardere wind. In de nacht neemt de wind gelukkig verder af. De scherpe boeg van de Necton klieft zich door de golven en langzaam neemt de snelheid toe. Heel blij ben ik met een 4 mijl SOG op de teller.
 Gelukkig worden door de diepte de golven langer en stampen we minder. Het blijft straf NO 4 waaien en erger, de stroom neemt toe tot 3,5 mijl tegen. Dat is gewoon ouderwets afzien. We willen graag naar het noorden; het eerste stukje moeten we echt elke mijl bevechten. We vechten ons naar boven. Daar waar de wind en de stroom draait………………

en een filmpje!film

terug naar boven
Wat je al niet doet om piraten te mijden:

Bericht ontvangen op 27 februari:
De natuurlijke route zou zijn om aan de westkant van Mindanao omhoog te varen. Beschut water en geen helse stroom tegen. Vanuit Indonesië wat aan Mindanao grenst komt piraterij voor en wat een Duits jacht verleden jaar is overkomen zoeken wij niet. Schip weg en losgeld betaald om vrij te komen. Dan maar langs de oostkant omhoog tegen de wind en de 4 mijl stroom in. Het is een zware tocht.
We stampen tegen de golven in. Beide motoren van de Necton zijn op vol vermogen nodig om het geweld te keren. Nu de wind wat is afgenomen, kunnen we meer snelheid maken en met ruim 8,5 knoop schieten we door het water. De stroom tegen neemt zelf toe tot 4 mijl tegen. Met deze 4 mijl stroom tegen levert dat nog steeds maar 4,5 SOG per uur op. Hoewel in de goede richting, aangenaam is het niet. De bemanning klaagt echter niet; het moraal is hoog.  Lia: "we moeten hier doorheen" is het nuchtere relaas. Af en toe regent het flink en buiten slapen is daardoor een risico. Omdat we tegen de golven in gaan, moeten vrijwel alle patrijspoorten en ramen en luiken dicht. Binnen is het daardoor bedompt warm. De weersverwachting is afnemende en ruimende wind. De lucht breekt open en de nacht laat een mooie sterrenpracht zien. Voor het eerst zie ik de poolster weer. Het is halve maan. Hier met 8 graden Noorderbreedte nog dicht bij de evenaar is de heldere  onderkant van de maan als een halve sikkel met de verlichte kant onder. Klaas benoemt de maan als een plafonniere. Het is inderdaad net een lamp aan het firmament.
Die volgende ochtend ruimt de wind een beetje. We willen zo graag zeilen, dat we van alles uit proberen. Uiteindelijk moeten we toegeven dat het nog te hoog aan de wind is en we nemen de kotterfok en het achter grootzeil weer weg. Het weerbericht is gunstig: onze lang afzien lijkt aan een einde te komen. Net na de middag ruimt de wind en kunnen de zeilen bij. Wel regent het hard, we genieten!

 

Bericht op 2 maart ontvangen:

Die avond ruimt de wind van NO naar O en krimpt vervolgens weer naar NO. We zeilen hoog aan de wind en op het moment dat we BB uit kunnen om de Leyte Golf in te draaien, zit een achterop lopend schip ons in de weg. De wind neemt ook nog toe en we gaan zo scheef, dat het wel lijkt of Klaas wil proberen het gangboord onder water te krijgen. Met ons hoge vrijboord lukt dat niet, wel krijgt hij > 10 knopen op de teller. Binnen begint omdat we erg scheef gaan van alles naar beneden te komen; tijd om zeil te minderen. De kotterfok er af en ook nemen we de genua deels in. De schoten van beide grootzeilen vieren en dan neemt de snelheid af om zo het schip aan BB aan ons voorbij te laten lopen. Wij kunnen BB uit en met vrijwel halve wind wordt het zeilen een stuk aangenamer. Met een snelheid van rond de 7 knopen wordt het leven aan boord aangenaam. In de golf neemt de hoge oceaandeining af. In de nachtwacht zie ik de bodem steil rijzen naar een 50 meter. We zijn weer een beetje op de Noordzee. Zo in beschut water trimmen we de zeilen en we krijgen het schip goed op snelheid. Het laatste stuk wordt een mooie zeiltocht met snelheden tussen de 7 en de 8 knoop. Na al het afzien krijgen we dit cadeautje van Neptunus. Mooi zonnetje en een lopend windje. We varen op de kust aan en zien vreemde bergmassieven. Door een klein geultje varen we naar ons doel: het stadje Tacloban. In een gekopieerde Pilot die ik van Mike heb gekregen, lees ik dat het niet zo veilig is in het stadje. Daar aangekomen zien we veel armoede. Langs de hele waterkant een aaneenschakeling van zeer armoedige hutjes. Alle lust om de wal op te gaan verdampt en omdat in het stadje zelf geen mogelijkheden zijn, ankeren we bij de olieopslag achter een groot schip dat daar ligt te lossen. Goed beschut; wel lawaaierig van draaiende motoren. We kijken nog eens naar de voorraden en we redden het zo ook wel. Toch maar niet de wal op. We drinken een glas en de eerste reis van 419 mijl is een feit.
We slapen een boerennacht in Tacloban. Als we de volgende ochtend ivm het tij vroeg willen vertrekken, controleer ik eerst de motoren. Omdat we ook water willen gaan maken, probeer ik ook dat systeem nog even uit. De opvoerpomp doet niets. Zo'n robuust pompje. Klaas en ik halen het uit elkaar. Er is wel stroom, maar er komt geen beweging in. Weer een gevolg van "on the hard" zoals de Amerikanen zeggen oftewel droog liggen in een jachthaven. Op de kant is het vast wel 50 graden Celsius in de boot geweest en daar kan niet alles tegen. Mijn reservepomp geļnstalleerd en daar blijkt een onderdeel te missen. Dikke pech. Eerst maar weg, want anders varen we op de rivier met de stroom tegen.
We gaan ankerop en dikke modder vraagt om de dekwas-slang. Dan is het weer prettig om met z'n drieėn te zijn. We varen de San Juanico Straat in en komen weldra bij de San Juanico brug. De ene informatie geeft een hoogte van 30 meter; een andere van 24 meter. Wij hebben aan 20m genoeg, dus het moet goed gaan. Best altijd weer spannend zo'n brug. Gelukkig gaat het goed en varen we de Santa Helena Rivier op. In een zonnetje trekt een prachtig landschap aan ons voorbij. Aan de kant overal kleine verstilde dorpjes. Hier vaak meer orde dan in het stadje. We varen een prachtig huis voorbij met daarnaast een groot botenhuis. Ineens hoor ik een oproep op de marifoon. Het blijkt de eigenaar te zijn. Hij vindt de Necton een prachtig schip en wenst ons een behouden vaart. Ik feliciteer hem met zijn prachtige stek en navenante huis en verder gaat het weer.
We varen de straat uit en op open water krijgen we te maken met veel bamboestokken aan elkaar gebonden. Het lijkt een soort grote dobber te zijn, waaraan onderaan ongetwijfeld een net of id. Gelukkig is het daglicht. We vragen ons af of het wel verantwoord is om in het donker door te varen. Wel wordt het steeds dieper en varen we verder van de bewoonde wereld af. We zeilen lekker de nacht in. Als de wind iets af neemt willen beiden niets weten van een motor bij. Ze trimmen net zo lang tot we > 5 knoop lopen. Net voor middernacht krijgt Klaas een enorme bui op zijn kop. De wind neemt toe tot hard. Het hoost van de regen en omdat we toch met de zeilen aan de slag moeten zijn we zeiknat. Een droog T-shirt aan en nog een keer weer zeiknat. Net als we tussen de eilanden BB uit willen gaan, doemt uit de grijze regen nevel een coaster op. Niks AIS; gelukkig heeft Klaas hem goed in de peiling en varen we er mooi langs. Omdat aan de andere kant de Masbate Pass begint, schatten we in dat er daar geen bamboe dobbers zullen zijn. Het is er nl erg diep, tot wel 1000 meter. Helaas krimpt de wind naar noord en neemt deze af. Wel is het nu weer droog en net sta ik weer buiten met een kop koffie of zie vooruit allemaal lichtjes. Hele felle; knalblauw; hele kleine olielampjes, alles wat je maar kunt verzinnen. Het zijn er geen tientallen maar misschien wel > dan 200. Allemaal prauwen die aan het vissen zijn. Behoedzaam vaar ik er op de motor tussendoor. Verschrikt schijnen ze met hun zaklamp(je) naar het schip dat voorbij vaart in de nacht. In het vale maanlicht is het voorgrootzeil goed te zien. Hoog aan de wind geeft die ons zo wat steun. Als de volgende ochtend de wind wat toeneemt heeft Lia alle zeilen al weer de lucht in. In tegenstelling tot het weerbericht blijft de wind meer in de noordhoek zitten en varen we heel hoog aan de wind. Soms lukt het zo de 5 knopen te halen; soms moet BB motor een beetje helpen om op snelheid te blijven.


Bericht op 5 maart ontvangen:

Het varen in de relatief beschutte 0803aanloop Subic Bay Filepijnen 6Sibuyan Sea blijkt een waar genoegen. We varen tussen de vele eilanden van de Fillepijnen door en koersen noordwaarts naar het grote eiland Luzon. De wind is ons gunstig gezind en ruimt van N naar NO en later zelfs naar OZO. We genieten van het zeilen wat daardoor mogelijk is. Met een snelheid tussen de 7 en de 8 knopen varen we naar ons doel. Veel sneller als gedacht komen we zo in Subic Bay. Alle 3 hebben we plezier aan het zeilen en zo is het een echte vakantie tocht. Met de zoutwaterpomp uit de kombuis krijg ik de watermaker weer aan de praat. Zo kunnen we uitgebreid douchen en ook dat draagt bij aan een positieve stemming. Op de middag blijkt dat we de afgelopen 24 uur maar liefst 162 mijl hebben afgelegd: now we are talking! Om de watermaker te kunnen gebruiken kunnen we niet te scheef gaan en moet de BB motor bij. Je kunt niet alles hebben. Wel brengt dit ons op het idee om ook de andere geneugten van de Necton te gebruiken. We besluiten een brood te gaan bakken. Lia en Klaas gaan aan de slag en na enig oefenen ontstaat er een mooi soepel deeg. Die gaat het bakblik in en kan in de oven mooi gaan staan rijzen. Ondertussen varen wij het laatste eilandje Fortune Island voorbij en zetten koers op Subic Bay. Van de andere zeilers hebben we gehoord dat Manilla een vieze haven is en bovendien erg duur. Wel heb ik ze geprobeerd per mail te bereiken, maar daar reageren ze niet op. Dan maar op naar dit door vele zeilers gewaardeerde alternatief. Je schijnt er ook nog min of meer belastingvrij drank te kunnen kopen. Meerdere redenen voor Subic Bay te kiezen. Nu maar hopen dat we de Balikbajan dozen die we uit Nederland verstuurd hebben hier kunnen krijgen. Vele onderdelen zitten er in die we voor de komende tocht nodig hebben.

Om ons weer met beide benen op de grond te krijgen krimpt de wind ineens naar noord. Het laatste stukje mogen we er weer tegen in. Ondertussen genieten we van he vers gebakken brood en om de vreugde compleet te maken draaien we nog een wasje met het net verkregen water van de watermaker. Het leven is goed. Gelukkig neemt de wind weer snel af en varen we op de motor net na zonsondergang de baai in. Om 20.00u meren we af in de Subic Yachtclub Marina. In ruim 6 dagen hebben een dikke 800 mijl afgelegd met wind en soms erg veel stroom tegen; kon mider!
In de Marina gaan we weer met onderhoud aan de slag. De kiel wordt gefixeerd om bij harde tegenwind goed op zijn plaats te blijven we gaan achter gas aan; slaan voedsel in en nog vele andere karweitjes. Natuurlijk leggen we contacten in de haven en gaan we er op uit. De Filepijnen zijn een vriendelijk land voor toeristen. De levensstandaard is laag en wij zijn relatief rijk. Ook horen we dat je nergens voor in de gevangenis komt als je maar betaald. Het land heeft dus ook een ander gezicht en wij blijven waakzaam. We zinnen nog op een dagje Manilla en hebben inmiddels een vaste taxi chauffeur. Zelf rijden is hier heel link omdat je altijd moet betalen, ook als iemand met een hamer jouw auto beschadigd is het illustere voorbeeld. Langzaam wordt de kriebel van Japan wakker……………

Vertrokken Tacloban 09.00u 1 maart 21 mijl
Middagbestek: 02 maart 012 48,5N 122 51O afgelegd 145 mijl
Middagbestek: 03 maart 014 00,3N 120 36O afgelegd 162 mijl
Aankomst Subic Bay afgelegd 55mijl +
Totaal 2e stuk 383 mijl

Bericht op 9 maart ontvangen: 

We krijgen een grote teleurstelling te verwerken

Het gas vullen wordt weer een hele expeditie. Natuurlijk passen de fittingen niet. Wel heb ik dankzij de extra meegebrachte fittingen uit Nederland nu een goede maat. Wij hebben een mannetje en zij willen een vrouwtje en nog wel een met een diepe inham. De taxichauffeur brengt me naar een machinebankwerker. Jawel hoor het kan; maandag klaar. Dat gaat dus niet en na de machinebankwerker 100 pesos te hebben gegeven kan ik ze morgen (vrijdag) ophalen. Ik leer het al hier te overleven. Met het nieuwe stukje massief staal met aan beide zijden links draad er in getapt bij het vulstation aangekomen lukt het weer niet. Het metalen stukje is net iets te lang. Er is nog een vulstation met een iets ander systeem. Daar zien ze het aanvankelijk ook niet zitten, maar als ik aandring en het koperen tussenstuk er tussen uit haal, krijgen ze het vulsysteem gekoppeld. Met een paar rubbertjes er tussen lukt het prima. 3 Flessen vol!
Het opsturen van de in Nederland verscheepte dozen vol met reserve onderdelen en lekkere dingen gaat vanuit Manilla naar de Marina niet op tijd lukken. Te veel dagen wachten we nu al en er zit niets anders op dan ze op te gaan halen. Om geen risico te lopen gaan we met "onze" taxi. We zijn al meerdere keren voor het verkeer in Manilla gewaarschuwd en het wordt een helse rit. Om 06.00 vertrekken we en voor de stad loopt het al vast. De stad door rijden is een crime en wat een geluk dat we dit niet op eigen houtje hebben geprobeerd. Het is erg mager aangegeven en voor je het weet zit je op een verkeerde afslag. Terug naar je uitgangspunt kost weer een uur. Over de tjokvolle wegen hangt een blauwe waas van vieze uitlaatgassen. Geen wonder dat veel mensen met mondkapjes lopen. Bepaald geen gezonde atmosfeer.
Onze chauffeur heeft zich matig voorbereid. Het door ge-sms'te adres kan hij niet vinden. Meerdere keren worden we van hot naar her gestuurd en uiteindelijk komen we op een soort industrie terrein terecht. Ook daar kunnen we het bedrijf niet vinden. Nog maar weer vragen en inderdaad ergens achteraf is het expeditiebedrijf. De omgeving is desolaat en het ziet er chaotisch uit. Binnen is meer orde en we zijn in blijde afwachting. Na legitimatie komen ze dozen brengen. Het zijn inderdaad met de nummers 8001 en 8002, maar het zijn niet de onze. Stom geregeld en zoeken naar de goede. Het lukt niet; gelukkig heb ik foto's op internet staan en als ik ze laat zien gaat er een lampje branden. Even geduld alstublieft. Een meisje komt heel schuchter melden dat de dozen naar Davao zijn verscheept. Op 3 maart kregen ze door dat ze in Manilla moesten blijven en het schip is op 1 maart vertrokken alle afspraken ten spijt om ze in Manilla te houden………….Nu kijken of we ze ooit nog terug zien en in ieder geval nu geen spullen. Wij mogen teleurgesteld terug de file en de hitte in. Het is een zwaar afmattende tocht en om 15.30 zijn we teug. We willen nu maar 1 ding en dat is zo snel mogelijk weg. Al die tijd voor niets gewacht en veel geld aan een onzinnige taxirit uitgegeven. Klaas en Lia gaan inkopen doen en komen met bergen voedsel en melk, bier e.d. terug. Ondertussen probeer ik met de autoriteiten af te stemmen. Japan is een moeilijk land en de papieren moeten goed op orde. De douane, de jachthaven en een verklaring dat we geen beestjes hebben lukt. Immigratie moet morgenvroeg. De volgende ochtend is het aanvankelijk 09.00u; dan 10.30 en uiteindelijk 12.30 dat de dame onze paspoorten komt stempelen en een uitreisverklaring geeft. Alles is nu in orde. We lunchen en vertrekken om 14.00u.
Met een mooi windje zeilen we de baai uit. Een goed omen voor deze reis. Veel is tegen de wind in en het wordt kunst toch zoveel als mogelijk wel te zeilen. Als we eenmaal koers noord zetten draait de wind conform e verwachting naar NO en op de motor gaan we nu op eco-speed. Dat is maximaal 2.000 toeren en zo halen we 5 knopen of net iets daarboven. Ruim voldoende voor een daggemiddelde van 100 mijl. Het is bijna 1.400 mijl naar Japan en we moeten zuinig zijn met onze voorraden. Tot de volgende middag halen we in 22 uur 116 mijl. Net na de middag krimpt de wind naar NW en gauw de zeilen omhoog en de motor uit. Heerlijk, het geluid van het water langs de romp. We zeilen met een gangetje van 6 knopen omhoog in de Chinese Zee in een strak blauwe zee en strak blauwe lucht. Op naar de noordpunt van Luzon.
In de Pilot lees ik dat we vanaf daar de stroom mee krijgen. Als het een beetje mee zit zelfs > 1 knoop. Een mooie meevaller. De windverwachting voor de komende dagen laat een harde wind zien, waar we vrijwel recht tegen in moeten. Het duurt nog even en morgen nog eens kijken. Komt de verwachting uit, dan is het beter deze windkracht 7 pal tegen aan ons voorbij te laten gaan door een poosje in een baai ten anker te gaan. Morgen zullen we het weten.

 

Bericht op 11 maart ontvangen:

Gat in de kop met een bult er op.

Currimaot is een oud vestingstadje. In de luwte van de bergen is het een mooie natuurlijke haven. Als in de ochtend de wind vanuit zee aan trekt weten we waarom we hier voor anker liggen. Te zelfde tijd kijken we de motoren en de schroeven na. Beide motoren in goede conditie. In BB schroef zit een heel visnet die er zorgvuldig uit wordt gesneden. We snorkelen in de buurt maar het rif is niet erg interessant.
 In de middag valt de wind totaal weg. Vanuit de grib files wilde ik vannacht om 12 uur vertrekken; nu het zo rustig is, gaan we om 17.30 al weg. Als we omhoog langs de kust varen neemt de wind voortdurend toe. Ook komt er een erg hoge deining aanzetten die niet veel goeds voorspeld. Veel te vroeg komen we in een harde tot stormachtige wind terecht. De wind giert om de kop van het eiland Luzon en neemt aan de achterkant (onze kant) in geweld toe. Aanvankelijk trotseren we het geweld met BB motor bij kruipen we langzaam met een 4 mijl door het water en 1 mijl stroom mee omhoog. Weg van het eiland naar de relatief veilige Chinese Zee. We varen de nacht in en de wind neemt toe tot NO 8 met uitschieters naar 9. Dit is veel meer als voorspeld.
De golven nemen zo toe dat het belangrijk wordt te zeilen. De stormfok gaat bij en achter een klein lapje met 3 riffen er in. Met voor 2 riffen komt de Necton in balans. In de nacht gaat het wild tekeer. Als ik probeer een paar kopjes uit de kuip aan te pakken, glij ik op mijn blote voeten (stom) weg en maak een ongewilde schuiver onze achterhut in. Het trapje daal ik net niet genoeg af en met mijn voorhoofd knal ik met de bril op tegen de bovendorpel. Gat in de kop en het wordt een flinke bult. Met een natte handdoek stelpt het bloeden snel. Lia plakt de 2 kleine sneetjes dicht en voort gaat het weer. Het wordt een lange zware nacht. In de ochtend neemt de wind af tot Bft 7 en hoog aan de wind maken we goede snelheid. Als in de loop van de dag de wind verder af neemt, gaat de genua stukje bij beetje bij. We koersen aan op de zuidpunt van het vroegere Formosa oftewel Taiwan. Liever blijf ik aan de buitenkant van het eiland omdat het aan de binnenkant hard kan waaien. Ook profiteren we zo maximaal van de Japanse stroom. Meer dan 1 mijl stroom mee maakt een heel verschil. Als we de lentegraad 120 08 O hebben bereikt gaan we door de geruimde wind weer een klein beetje naar het oosten. Hiermee is het  meest oostelijk punt van de reis bereikt en gaan we weer aftellen. Ook gaan we de 20 graden Noorderbreedte door. Het water wordt kouder en is "nog maar" 23,8 graden. Overdag gaat het zeilen prachtig. Rond de 7 knopen schiet de Necton tegen de golven in. We genieten er alle drie van.

 

Bericht op 13 maart ontvangen:

De dagen wisselen elkaar af en gelukkig kunnen we veel zeilen. Zeilend door het Bashi kanaal, komt een tanker de Sebarok Spirit V7WB3 ons oplopen. Hij komt zo dichtbij dat ik hem vraag een foto te willen maken.1303zeilen

Eenmaal onder Taiwan door krijgen we de echte NO moessonwind tegen. Er staat een hoge holle zee en helaas valt de stroom mee hier tegen. We moeten het op eigen kracht doen. Dan de motor maar bij en 20 graden aan de wind er tegen in. Het is verre van aangenaam maar we hebben een doel. De weersverwachting is dat met een 12 uur dit af gaat nemen en reikhalzend zien we daar naar uit.
Onderweg doen we ook nog een paar wasjes en het is zaak de boel goed op de geïmproviseerde waslijn onder de bimini op te hangen. De wind waait straf en niet goed vast betekent over boord. Zoals altijd op zee is het eten een geliefd onderwerp. Elke dag bespreken we de opties en proberen zo veel als mogelijk variaties aan te brengen. Voorlopig is er nog vers genoeg en daarom vandaag maar een halve witte kool. De andere helft over een paar dagen. Tussen de middag eten we vaak een salade. Brood eten we weinig.
We gaan BB uit op weg naar het eiland Okinawa op ruim 300 mijl afstand. Weer hebben we helaas de wind vrijwel pal tegen. in de nacht loopt deze op tot Bft 6 en weer ploegen we de zee. Heel vermoeiend en ook moet de motor bij dus kost het diesel. Ondertussen plotten we de gesignaleerde orkaan op de kaartplotter. Vooralsnog lijkt hij zuidelijk van ons te blijven. De banen die we uit eerdere waarnemingen weten, verschillen sterk. Er wordt in de Pilot ook een variant genoemd die af buigt onze kant op. Als we de volgende ochtend zo flauw zijn van het bonken tegen de zee in dat we even lekker zeilen, moet ik helaas toch besluiten de motor weer aan te doen. De zeilkoers brengt ons niet verder van de baan van de orkaan af en afstand vergroten is de beste defensie. Gelukkig neemt eindelijk de wind af en zakt deze terug naar 4. De hoge golven willen in het begin niet toegeven maar zonder aanstormende wind vlakken ze uiteindelijk toch wat af. Als daggemiddelde hebben we slechts 104 mijl gehaald; het slechtte resultaat van deze reis. Langzaam neemt onze snelheid nu toe tot 5 mijl of iets daarboven. Dat geeft weer hoop en de verwachting van Jurjen doorgekregen beloofd straks een zuidelijke wind. Ook volgt Jurjen met ons de baan van de orkaan; 2 zien er meer dan 1. Een veilig gevoel!

 

Bericht op 15 maart ontvangen:

Het laatste stuk om naar de eilanden te komen hebben we het dood voor de wind. Dat is niet de favoriete koers van de Necton. Er staat behoorlijk zee en sommige rollers zijn hoog en steil. Slingeren is niet meer het goede woord. We rollen zo van BB naar SB, dat alles wat niet echt zeevast staat aan de schuif gaat. Ook zelf zijn we erg voorzichtig en houden ons met moeite staande. Dan neemt ook de wind nog eens af waardoor de zeilen gevaarkijk beginnen te slaan en de giek aan de bulletalie moet om overslaan te voorkomen. Uiteindelijk houden we alleen het voorgrootzeil over om nog een beetje winddruk te houden. En passagiersschip komt op 3 mijl voorbij en via de marifoon horen we dat er een zieke passagier met een helikopter naar de wal moet. Wij zijn gelukkig alle drie gezond en houden de moed er in.

De atmosfeer is erg vochtig en op de radar zie ik op afstand regenbuien. Dit is de reden waarom we de eilanden voor het donker worden niet kunnen zien. Wel zien we het eerste Japanse vissersbootje. Vol met antennes vaart het snel over de golven met onmiskenbaar de boeien met vlaggetjes aan boord. We varen langzaam tussen de eilanden door en de motor bij om een beetje snelheid te houden, want de stroom is hier tegen. Ineens is er bij Lia telefoonbereik en de sms'en vliegen de wereld over. Ook verspringt de tijd en inderdaad Japan heeft 8 uur tijdsverschil met Nederland. Wij verliezen daardoor weer een uurtje.
Achter de eilanden komen we dan eindelijk in de zo gewenste Japan Stroom terecht. Vanaf nu stroom mee! De wind neemt weer toe en met een bakstag wind, lopen we 7 tot 8 knopen en soms erboven. Dit schiet lekker op.
Ondertussen houden we de baan van tyfoon 1503 goed in de gaten. De positie wordt over 5 dagen nog steeds als een landing op Luzon op de Filepijnen benoemd. De ware positie over de afgelopen dagen daarentegen loopt wel omhoog. Komt hij dan toch nog onze kant op?
Wij varen Okinawa daarom voorbij en maken gebruik van de godenwind om ons verder noordwaarts te brengen. Dichter bij ons doel Heroshima en verder weg van het oog van de storm.

Middagbestek: 15 maart 025 36,54N 125 21O afgelegd 134 mijl in 23 uur

Bericht op 13 maart ontvangen:

Conform de voorspelling neemt de wind vrijwel volledig af en eindelijk wordt de zee milder voor ons. De bewegingen worden elk uur minder ruw en in de nacht draait de wind naar ZO. Een flauwe koelte houdt de zeilen net vol. De motor een beetje bij om snelheid te houden en de watermaker aan. Het geluid als een samovaar klinkt als muziek in de oren. Nog altijd hebben we geen stroom mee. Reden om de koers te verleggen naar de passage tussen Ishisaki Shima en Taraha Shima door. Aan de andere kant van de eilanden moet de Japanse stroom ons sneller in de richting van ons doel brengen. Nog een kleine 60 mijl te gaan naar de passage. In de ochtend komt de beloofde wind. De zeilen gaan omhoog en met full flaps zeilen we naar de passage toe. All is well.

Nog 770 mijl te gaan tot Hiroshima

 

Bericht op 16 maart ontvangen:

We broezen langs het eiland Okinawa. De wind is aanvankelijk Zuid en ruimt later naar ZW. Eerst een dikke Bft. 6 met hoge golven die ons wreed doen slingeren. Als we 8 knopen op de teller zien staan, motiveert dat enorm en niemand klaagt. Wel oppassen met het je voortbewegen. Goed vasthouden en alles een beetje langzamer dan normaal. Als later de wind afneemt naar 5 en wij ook nog een beetje SB uit kunnen, ligt de Necton door de winddruk van opzij en de afgenomen golven een stuk stabieler. Nog altijd tussen de 7 en 8 knopen.

De storm blijft naar de Filipijnen trekken en de spanning daarover zakt. Met deze snelheid vergroten we de afstand ook snel en het voelt al een stuk veiliger. Wel varen we het gebied binnen met actieve vulkanen. Never a dull moment!
De crew had ik pizza beloofd en ondanks het heftige slingeren lukt het een soepel deeg te maken. Natuurlijk krijg ik het deeg niet zo dun als in de pizzeria, maar het rijst goed en smaakt prima. De ingrediënten zijn lekker en er wordt met smaak gegeten. Omdat de oven toch warm is, bak ik ook nog een broodje. Deze rijst minder dan ik had gewild, maar het leven kan ook niet perfect zijn. In de nacht loopt een tanker ons op. Hij draait een beetje van links naar rechts en haalt ons uiteindelijk netjes uitgeweken aan BB in.
Boven op de achter mast zien we het lampje van de windgenerator aangeven dat hij op laadt. Op het metertje binnen zie ik dat hij tussen de 10 en de 15 ampère doet, beter als ooit tevoren. Niet voldoende voor onze totale stroom consumptie maar we moeten de watergenerator dan ook missen. Nog altijd is er geen vervanger voor ons type die het door binnengedrongen zeewater heeft begeven. Gelukkig vangt de 1.500 ampère accu-bank het verbruik van deze dagen zeilend op.
De golven beuken tegen het schip en soms slaat er spatwater de lucht in. Door onze snelheid ruist het water langs onze ranke romp en dat geeft een dynamische klank. Er is geen maan en de hemel is gedeeltelijk bedekt. In het pikkedonker van de nacht licht het water soms door gloeibeestjes op en dan kun je de roeren in zijn geheel door het water zien gaan. Wat een genot zo te zeilen!
Door vulkanische activiteit is er een nieuw eiland geboren. Johan Dijken, het erelid van de Groninger Motorboot Club heeft me er al voor gewaarschuwd. Jurjen weet uit te vinden dat het weliswaar op onze breedte is, maar ruim 600 mijl naar het westen. Die gaat ons niet bijten!
Ook de volgende dag weer een harde ZW wind. Heel uitzonderlijk voor dit gebied en wij zijn er dankbaar voor. In de ochtend Bft. 6 a 7 en dus weer heftig slingeren. Veel interessanter is de snelheid die we daardoor al zeilend kunnen maken. Op de middag van 16 maart hebben we maar liefst 177 mijl in de afgelopen 24 uur afgelegd. Een gemiddelde van 7.4 mijl; helemaal super! De wind vrijwel pal achter; een beetje SB inkomend voeren we voor grootzeil helemaal uit en geen fokken omdat die achter het grootzeil stil vallen. Achter 3 riffen om de wind niet voor de voorste mast weg te vangen. De voorspelling is dat de wind nu af gaat nemen; ondertussen snellen wij nog altijd voort over de Oost Chinese Zee.

Middagbestek: 15 maart 025 36,54N 125 21O afgelegd 134 mijl in 23 uur
Middagbestek: 16 maart 027 37,84N 127 44O afgelegd 177 mijl traject record!

 

 2003op eigen kiel in Japan

Op eigen kiel Japan bereikt!

Bericht op 23 maart ontvangen:

De dagen die volgen brengen een wind die veelal van achteren komt. Daardoor rollen we behoorlijk en ontneemt het een beetje de lust om te schrijven. Je moet je immers ook vast houden. Dit impliceert niet dat er niets gebeurt. Zo krijgen we sinds lange tijd weer  eens een echte regenbui te verwerken.1603shocking klem in het zwemvest Het regent zo hard, dat als ik in de nacht de grootschoot van voor sta door te halen, mijn zwemvest spontaan op blaast. Shocking klem sta ik met die oranje halsband om mijn nek en maak het karweitje af. Op een rustig momentje tussendoor halen we de strategische voorraad diesel onder Lia’s bed vandaan. Hier staat 100 liter in 5 jerrycans. Omdat het “tropen” diesel  is, wil ik die graag in de relatieve warmte opstoken. Later gaan we ze wel weer met winterse diesel ergens vullen. Vermoedelijk na Japan, want diesel is daar heel duur. Volgens Jurjen $1,60/liter. Dat is weer eens wat anders dan 60 euro cent wat we nu al een tijdje gewend zijn. Ook kunnen we in Japan de 3 vaten van 60 liter nog in de grote tank doen. Vanaf Japan met de 1000 liter basis en 200 reservetank verder. Ruim voldoende om in Alaska te komen.

Zoals elke dag is er overleg over de avondmaaltijd. Door Klaas en Lia is er scherp ingekocht want weg gooien vinden ze zonde. Uiteindelijk halen we het met elke dag verse ingrediënten tot aan Hiroshima toe. Een voorbeeld:  gebakken aardappeltjes in een oven schaal. Daar roosjes broccoli overheen die weer worden verzonken in een champignon sausje en daarover Parmezaanse kaas. In de oven door verwarmd met een mooi bruin korstje er op. Als toetje een blik mandarijnen schijfjes. Smikkelen maar……….
Op een middag komt er een grote school dolfijnen op ons af. Donker gekleurd type met volgens Klaas spleetogen. Ook komen we door veel velden met wier en Lia ziet op afstand een walvis. Best ballen om als walvis in Japan te durven zwemmen!
Dan doemt de kust van Japan op. Eerst zien we een kleine actieve vulkaan Ia Tori Shima, die we op een paar mijl passeren. Het is erg heiig en het zicht daardoor beperkt. Dan zien we de eerste vissersboot. Met lange antennes aan boord schiet het snel over de golven. Dan naderen we de steile kusten. De bergen rijzen recht uit het water op en overal is het diep. Ook zien we een grote toename van schepen. We varen de smalle passage van Shimono Seki door waar de stroom maximaal 4 mijl loopt. Het laatste stuk doen we rustig aan om in de ochtend bij daglicht aan te komen. We zien steile bergen waar dorpjes in een vallei liggen. Veel constructies om aardverschuivingen tegen te gaan. Weinig van het land is maar bewoonbaar lijkt het. Op mijn nachtwacht varen we door een stuk waar ik op de AIS maar liefst 63 schepen om mij heen tref. Het oversteken van de vaarroute om BB uit te gaan naar Hiroshima is een hele opgave. Een heel treintje van schepen komt van voren en het is een hele kunst er een gaatje tussen te vinden. Een grote gaat voorbij en dan scherp BB uit en even 1 motor vol gas. Snel laten we het snelverkeer achter ons en varen het laatste stuk naar de baai. Hiroshima ligt in een kom en we zien de zon opkomen. 1903 5rijzende zon in JapanHet land van de rijzende zon is bereikt. Lia en Klaas vliegen naar huis.


Vertrokken Davao 09.00 25 februari
Middagbestek: 25 februari 006 49.7N 125 47O afgelegd  32 mijl
Middagbestek: 26 februari 007 04,4N 126 43O afgelegd 109 mijl
Middagbestek: 27 februari 009 09,5N 126 32O afgelegd 129 mijl
Middagbestek: 28 februari 009 09,5N 126 32O afgelegd 129 mijl
Ankerplek Tacloban 15.00u                                                      20 mijl +
Afgelegd                                                                                                             419 mijl
Vertrokken Tacloban  09.00u  1 maart                                   21 mijl
Middagbestek: 02 maart     012 48,5N 122 51O afgelegd 145 mijl
Middagbestek: 03 maart     014 00,3N 120 36O afgelegd 162 mijl
Aankomst Subic Bay                                                afgelegd    55mijl +
Afgelegd                                                                                                      383 mijl
Vertrokken Subic Bay Marina 14.00 08 maart
Middagbestek: 09 maart     016 18,2N 119 44O afgelegd 116 mijl
ankeren       Currimao 09.00 10 maart                  afgelegd 112 mijl
vertrokken  Currimao 17.25 10 maart
Middagbestek: 11 maart     019 41,8N 120 10O afgelegd 107 mijl
Middagbestek: 12 maart     021 13,6N 121 24O afgelegd 133 mijl
Middagbestek: 13 maart     022 01,2N 122 59O afgelegd 104 mijl
Middagbestek: 14 maart     023 39,4N 124 18O afgelegd 126 mijl
Middagbestek: 15 maart     025 36,5N 125 21O afgelegd 134 mijl in 23 uur
Middagbestek: 16 maart     027 37,8N 127 44O afgelegd 177 mijl traject record!
Middagbestek: 17 maart     028 56,8N 129 36O afgelegd 150 mijl
Middagbestek: 18 maart     030 41,2N 131 34O afgelegd 149 mijl
Middagbestek: 19 maart     033 12,3N 132,02O afgelegd 148 mijl Haya Sui Seto
Aankomst          20 maart     08.30 Heroshima     afgelegd   90 mijl  + Kanon Marina
Afgelegd                                                                                                   1.546

Hele reis                                                          afgelegd 2.348

 

 

 

 

 

 

Copyright © 2012. Necton.