NECTON

Der Weg ist das Ziel

 

 

etappe8 1oktetappe8 20okt

 

 

 

Verslag ontangen op 18 september:

De wind trekt aan en met full flaps kunnen we Cabo Frio net niet bezeilen. We koersen iets verder de zee op en lopen schuin voor de wind. Dit levert wel een mooie snelheid op en regelmatig lopen we boven de 8 knopen, soms even boven de 9. We koersen zo ver zuid dat we Rio kunnen bezeilen en om 02.00 doen we een stormrondje. Eerst de fok in en dan BB rond zodat we niet hoeven gijpen. We zetten koers op Rio de Janeiro!

 

 

 

Filmpjes van deze reis

filmbinnenlopen Rio Grande Sul, Brazilië         filmWaterval Iguazu

filmharde wind in de jachthaven van Florianapólis, Brazilië

filmstraffe wind tegen in Brazilië

 

 

Woensdag   10 september 21,5Z 40.3W 136 mijl
Donderdag  11 september 23.1Z 42.4W 180 mijl!
Vrijdag        12 september  Rio                  30 mijl +
Totaal                                                      468 mijl = gemiddeld 6.5 mijl

We stuiven op Rio aan. Er staan behoorlijk golven en Kaap Frio is in zicht. Vanmiddag hopen we er te zijn. De wind trekt nog wat aan en we zetten achter het eerste rif. De snelheid is er niet minder om. Steady boven de 9 knopen en gemiddeld rond de 9.7! Wow dit is kicken van de bovenste plank. Prachtig zonnig weer en een blauwe oceaan om ons heen en vooruit ons doel.
We worden opgelopen door de CBO Manuello, een bevoorradingsschip voor de booreilanden. Met zijn 15 knopen haalt hij ons in en omdat hij bovenwinds langs vaart, roep ik hem op. Het blijkt een vriendelijke kapitein die goed Engels spreekt. Op mijn vraag of hij bereid is een paar foto's van ons onder zeil te maken reageert hij positief. Helaas is zijn camera niet zo goed en internet is ook niet helemaal zijn ding. Wel levert het spectaculaire plaatjes op, waar ik meer dan blij mee ben. Kapitein, hartelijk dank!met 95 knoop naar rio de janeiroDan lopen we de beroemde baai van Rio binnen. Aan bakboord de suikerberg en het grote Jezusbeeld fel in de zon. Opstapper Martin heeft via uitwisseling van de school van zijn kinderen een Braziliaans meisje in huis gehad, die tegenover Rio in Niteroi woont. Die gaan we opzoeken en het blijkt een prachtige jachthaven met zwembad, restaurantjes en internet via WIFI die alleen werkt bij de club. Dus met regelmaat met de laptop onder de arm berichtjes uitwisselen. Layla komt langs en ze spreekt wonderbaar nog steeds Vlaams. Een jaar in België heeft ze dit goed onder de knie gekregen. Ze neemt ons mee naar een goed restaurantje en met smaak eten we op de kant. Het leven is goed in Niteroi en je zou hier best een poosje willen blijven. Natuurlijk moeten we naar de overkant naar het echte Rio de Janeiro en ook moeten we nog naar de Capitaineria die ook daar is. Ze kookt die laatste avond voor ons een heerlijk vleesgerecht en meer dan welkom worden we in haar flatje onthaald. Ze deelt de flat met 2 andere meisjes en Clarissie is er ook. Zij vertelt over haar hobby FOGO dansen, wat uit mondt in een privéles voor mij. Het is een mooie ritmische dans op een 3kwarts maat. Nu zijn de meeste klassieke dansen bij ons 4kwarts, dus het botste nog wel eens. Het is best aan te leren en een erg sierlijke dans. Weer iets mogen bijleren!2013-09-08 16-46-37 10
Aangekomen in Rio is het niet makkelijk een ligplaats te krijgen. We worden niet bepaald vriendelijk onthaald en bovendien erg duur. Voor 2 dagen zij het maar even zo.
We hebben de suikerberg bezocht. Je gaat met 2 kabelbanen omhoog en hebt van daar uit een spectaculair uitzicht over de zee en de grote baai van Rio; aanrader. Daarna de grote kerk bezocht en nog wat van de binnenstad Lapa gezien. In de avond naar een Samba happening, die eigenlijk voor jonge mensen bedoelt is en ik voel me er een beetje een man op een verkeerde plaats. Er worden liters sterke drank weggewerkt en we besluiten de stad in te gaan. Daar is veel ambiance en we eten in een café, waar ook de samba wordt gedanst met live muziek. Genieten van een mooie avond. Helaas gaat het duiken zondag niet door. Daniel de duikinstructeur belde via de telefoon van het Braziliaanse meisje van Martin en vertelde dat de boot volgeboekt is. In Brazilië weet je nooit iets zeker. Ook heeft hij niemand kunnen vinden om mij te vergezellen, dus het wordt straks weer een solo tripje.
Rio heeft op zondag iets heel bijzonders: de stad is dan een beetje van de wandelaars en de fietsers! Langs het water lopen 2 snelwegen voor het verkeer. Aan de waterkant 4 banen de ene en 4 banen de andere kant op. Dan een stuk park en dan weer een snelweg met ieder 3 banen.  De snelweg aan de waterkant is met zijn 8 banen voor de wandelaars en heel gemoedelijk lopen daar families te flaneren. Wij wandelen over een soort loopbrug over de snelweg heen en gaan op zoek naar een bank en internet. De binnenstad blijkt totaal uitgestorven en alles is dicht. Dan maar weer terug naar de boot om de laptop te halen, want WIFI is op veel plaatsen wel beschikbaar. Met de taxi naar de Copa Cabana en het wel of heel Rio op het strand is. In een zijstraatje zien we een internetcafé, dus heb ik de hele dag de laptop voor niets mee gezeuld. Ook kun je er heel goedkoop naar huis bellen en van die gelegenheid gebruik gemaakt. Mijn humeur ging er fors op vooruit en in een visrestaurant heerlijk vissoep gegeten en langs het strand geslenterd. De terugweg was een ramp. Geen taxi  te krijgen en de bussen overvol. Na lang wachten eindelijk terug naar de Necton.

Maandagmorgen vroeg naar de Capitaineria. Martin is mee en ze laten ons gewoon in de hal wachten. De papieren worden bekeken in  een kamertje ergens achter wordt een stempel gezet: goede reis! Verbluft neem ik de papieren in ontvangst; zo kan het ook!
Martin is bereid nog een stukje mee te varen en in overleg besluiten we het watersportgebied van Rio te gaan bezoeken en als laatste een oud Portugees stadje wat ons meerdere keren is aangeraden. We varen naar Isla Grande met een 90 mijl dag afstand. Er zijn veel plekjes om te zien, wij kiezen voor Saco de Coe, een verborgen plekje met een stille ankerplek tussen de bergen. In het donker varen weer  s'avonds voorzichtig naar toe en ankeren midden in de baai. Ze zeggen dat je hier de sterren in het water kunt zien schijnen. Met deze woorden was de nieuwsgierigheid gewekt en hier liggen we dan. Nu de motoren uit zijn, is de overgang groot. We horen de krekels en er zijn vogels die geluid maken; in de verte blaft een hond en ook hier wonen en leven mensen. Martin en ik vragen ons af waar ze van leven en zij vragen zich waarschijnlijk af wat wij hier komen doen. Het is een erg beschut plekje op Isla Grande, een droom watersport gebied. De sterren zien we niet; wel schittert de maan door een dun laagje bewolking heen en weerkaatst op het blakstille water. Het is een wat onwerkelijke plek.
De volgende dag vertrekken we naar Paraty. We kunnen zowaar een stukje zeilen, maar omdat Martin zijn bus moet halen op terug te gaan naar Rio, motorren we het laatste stuk. Paraty blijkt een oud Portugees stadje met allemaal kleine gekleurde laagbouw huisjes met een straat van zwerfkeien. Heel romantisch, maar omdat het regent, toch snel minder mooi. We drinken nog een laatste biertje samen en dan is er weer een afscheid. Bedankt Martin, voor je gezelschap en je bijzonder hartelijke vrienden in Brazilië. Misschien tot ziens in Japan?
Op de weg terug boodschappen gedaan en dan is er nu tijd om een dagje bij  te komen. Tijd om het ultieme watersportgebied achter me te laten.  Het gaat weer solo zuidwaarts.

Bericht ontvangen op 20 september

Rio de Janeiro - Buenos Aires
Het vertrek uit Paraty is met gemengde gevoelens. De pilot beloofde een erg vriendelijke jachthaven van de in Brazilië beroemde zeezeiler Amyr Klink. Hij is met een aluminium zeiljacht rond Antarctica gevaren en heeft het meerdere keren bezocht. Helaas hij is een paar weken naar Sao Paulo en zie hem dus helaas niet. De ontvangst is bars en voor 2 nachtjes? Dan is er geen plaats! In een reflex wijs ik op onze vlag en dan mogen we bij gratie toch aan een ponton liggen. Wel met een bootje naar de kant. Aan de wal is er alleen 1 gammele computer met een uiterst trage verbinding, maar het werkt. Er blijken meerdere Franse jachten te liggen en ze hebben mij dus voor een Fransoos aangezien. Bij vertrek blijkt het 200 Reaal/dag oftewel bijna 70 euro voor een nachtje. De Fransen vinden Europa duurder, ik waag het te betwijfelen. Best wel een prijs voor zo goed als 0 voorzieningen; wel is dit een van de mooiste gebieden en dat kost ook wat. Als de man met zijn bootje weer langs komt, vraag ik hem te willen helpen weg te komen. Vakkundig sleept hij me iets naar voren en zo kom ik veilig tussen de jachtjes en de meerboeien weg.
Het is hier een prachtig vaargebied. Vaar tussen kleine eilandjes door en na een uur heb ik de open zee voor me. Als laatste passeer ik een klein eilandje vol met vogels. De palmbomen zijn helemaal vol gescheten en op sterven na dood. De weersvoorspelling klopt weer eens niet en ik heb de wind tegen en het regent hard. Dat is lang geleden en het is even wennen naar de overgang met instabieler weer. Voor het eerst weer een lange broek en een trui aan, want de water temperatuur is gezakt tot 19.7 graden; brrrrrrrrrrrrrrr.
De wind was beloofd oost te worden en als die zich in een koelte meldt, zet ik enthousiast de zeilen op. Full flaps zorgen voor slechts 3.5 knoop, maar daar ben ik tevreden mee. Heerlijk de bromtol weer uit en genieten van de geluiden van het water. De nacht valt en daarmee wordt ook de wind minder. Het wordt een pittig reisje: heel veel deining door elkaar heen en te weinig wind om het schip stabiel te houden. De wind neemt weer af en valt zo goed als weg. Het regent ook met bakken en na eindeloos proberen te zeilen en gieken vast te zetten, moet ik bij een snelheid van 0,8 knoop me gewonnen geven. Alles er weer af en nu op de motor; het is niet anders.
Beetje beroerd van inspanning en heftige nare bewegingen en zeiknat, ben ik onder de douche gegaan. Zit nu schoon gewassen en met frisse kleren aan me een stuk beter te voelen. Heb net een soepje gegeten en voor het licht wordt nog even een berichtje de ether in. Gelukkig zijn er ook weer berichtjes van thuis in en ook daar wordt ik weer warm van. Zit in het midden van de depressie en zonder wind blijven we speelbal van de deining die uit allerlei richtingen komt en waar elke regelmaat in golfpatronen ontbreekt. Wordt er een beetje zeeziek van en dwing mezelf weer iets te eten. De barometer zakt tot 1016mb, ook dat is lang geleden.
De regen zorgt voor slecht zicht en de radar staat bij om ook met ingestelde alarmzone 's schepen te melden. Alleen op grote afstand zie ik ze passeren. De weersverwachtingen zijn beter; moet geduld hebben.
In de middag draait de wind naar Oost, Net genoeg om de grootzeilen te vullen en het schip rustiger te maken. Nu nog een beetje in kracht toenemen; dan kan de fok erbij en de motor uit. Het gaat de goede kant op!

Bericht ontvangen op 28 september

De verwachting komt uit en die avond zeilen we weer. Wel is het een erg draaiende wind, die helaas niet blijft doorstaan. Na enkele uren moet toch de motor weer bij en het wordt mistig. De watertemperatuur zakt gestaag verder en het is nog maar 17.0C. In de nacht is het door de mist erg klam en daarop haal ik de tape van de uitlaat van het kacheltje (dichtgeplakt om water van hoge golven tegen te houden) en probeer of deze nog werkt. Hij slaat direct aan en gelijk vertrekt de klammigheid en wordt het aangenaam in de kajuit. De wind draait alle kanten op en via de radio de lange termijn verwachting naar binnen gehaald. Om het goed te kunnen bekijken, heb ik voor 4 dagen om de 6 uur de verwachting. Dat levert een erg goed en ook erg groot bestand op, waar de zender 30 minuten voor nodig heeft om die binnen te halen. Ook krijg ik de volgende dag melding dat ik het station in Chili te zwaar belast en of ik mijn mailgebruik wil verminderen. Het is dus een duur weerberichtje. Over 2 dagen draait de wind volledig naar zuid en dan nog fors ook. Dit betekent het laatste stuk er weer tegenin knokken en dat lokt niet bepaald.

Op naar plan B en dat heet eerder SB uit en een haventje zoeken. Aanlokkelijk is er één heel dicht bij, maar we moeten ook naar het zuiden; dan maar een compromis en op naar Florianópolis. Mooi over de helft naar Rio Grande Sul en een klein stukje tegen de wind in kunnen we aan; we zijn niet van zout! Om de beslissing goed te keuren komt de eerste dolfijn voorbij. In zijn eentje zwemt deze met krachtige slagen razendsnel rond de boot. Wel grotendeels onder water en dus moeilijk vast te leggen.

Middagbestek:
Vrijdag    20 september 25.29Z 45.24W afgelegde afstand 104 mijl
Zaterdag 21 september 25.56Z 47.04W       “ “                 135 mijl
Zondag   22 september 27.16Z 48.16W       “ “                 128 mijl
Ankeren 18.00 36 mijl +
                                                  Afgelegde afstand         403 mijl

Helaas komt de zuidenwind wind eerder dan verwacht. Van mooi zeilen komt niet veel terecht en als ik voor donkere wolken aan zie komen, zet ik al vast het 2e rif voor. Dat blijkt een goede beslissing en gelijk begint de wind straf door te zetten. Achter de zeilen er af en alleen op de motor en met voor het steunzeil er vrijwel recht tegenin. Heel vermoeiend is dit en elke gelegenheid die er is, grijp ik aan om mijn lijf rust te gunnen en sterk te blijven voor als het echt nodig is.
Zo vorderen we langzaam de goede kant op. De nacht van zaterdag op zondag wordt zwaar. De wind neemt toe tot Bft 7 en af en toe 8. De zee bouwt snel op en de golven nemen fors toe. De stroom hebben we ongeveer 1 mijl/uur tegen en het effect van wind en stroom tegen elkaar in, maakt de golven steiler.
Nu komt de vorm van de Necton tot zijn recht. Ons vorige schip zou onder deze omstandigheden vrijwel stil liggen; nu gaan we met een 3.5 mijl/uur tegen dit geweld in. De scherpe boeg klieft door de steile golven heen en het hoge vrijboord zorgt er voor dat er los van wat buiswater, er geen vast water aan dek komt. Die nacht kan ik niet anders doen dan vertrouwen op de degelijkheid van het schip. Zo slaap ik met de eierwekker weer mijn halve uurtjes.

Dit zijn de momenten dat al die uren van voorbereiding en zorgvuldige montage van techniek zich terugbetalen. Onverstoorbaar doet de Volvo Penta zijn werk en brengt ons dichter onder de kust. Het schip houdt zich geweldig en bewijst haar zeewaardigheid. Het klinkt misschien een beetje lyrisch, wel voel ik me op dit stoere schip veilig en vertrouwd te midden van al die brekende zeeën.

In grauwsluiers van mist gehuld, zie ik als eerste Isla Deserta en daarna Isla Do Arvoedo, die de noordingang naar Florianopólis tussen het vaste land en het grote eiland de Santa Catarina markeren. Beter is het om de zuidkant van het eiland aan te lopen, maar nog eens 35 mijl tegen de golven in boxen zie ik niet zitten. Ook waarschuwt de pilot daar voor brekende zeeën en dan maar een minder goede jachthaven. We varen weer een prachtig watersportgebied binnen en de golven zijn nu weg; we varen in de luwte van het grote eiland. De kaart geeft aan dat er een kleine jachthaven tussen de beide bruggen in. De eerste brug is 28m hoog; de volgende slechts 17 meter en daar kan ik dus met onze 20m niet onderdoor. Daar aankomen, blijkt dat ze de steigers aan het afbreken zijn. Chips, dat valt even tegen, wat nu? Kan alleen maar terug en besluit eerst een ankerplek te zoeken. Eerst even bijkomen, dan zien we morgen wel verder. Met het laatste licht tussen 2 eilandjes door en in een zeer beschutte kom de spijker er in. Op de plaats rust en na al dat geweld lukt dat prima.

De volgende dag de moed weer bij elkaar en de wind is gaan liggen. Naar Florianopólis betekent het eiland verder rond varen en dat is 60 mijl. Een stukje verder langs de kust is ook een haventje, maar daar is het erg ondiep en het is een dorpje met onduidelijke voorzieningen. Ik heb behoefte aan gezelschap en dus toch maar liever naar een stad. Om bij daglicht aan te kunnen komen, sta ik om 05.00u op en bij het eerste daglicht anker op.
Het wordt een rustige tocht helaas weer op de motor, want de wind is weliswaar zwaar afgenomen, hij zit nog steeds in de verkeerde hoek. Het wordt een tocht met mooie vergezichten en de ingang aan de zuidkant is er één met stromingen. Dat is lang geleden en ook wel weer boeiend. Het eerste stuk de 1 mijl stroom tegen; het laatste stuk 2 mijl mee! Om 16.00u varen we de jachthaven binnen en gelijk worden we opgevangen door een erg sympathieke Marinero. Op mijn vraag of er ook diesel tanken mogelijk is, reageert hij positief en stapt aan boord om de plaats te wijzen. Ook helpt hij zo mee vast te maken en dan eerst maar de frustratie van het vele motorren weg werken. Er gaan bijna 600 liter de tank in en tot mijn geluk, kost het hier maar 75 cent; dat valt dan weer mee. De jachthaven is en goedkoop en heel gastvrij. Wordt een beetje opgenomen in de mensen die hier min of meer leven en er is een gastvrije koffieshop met internet en een restaurant waar je voor 7 euro uitgebreid kunt dineren. De stad zelf heeft een levendig centrum met veel winkeltjes en een uitgebreide mark. Tuf op mijn vouwfietsje de stad door en bezoek wat buitenwijken en krijg zo een beetje beeld van de stad. In het hart staat een 250 jaar oude boom, die met veel liefde wordt gestut en waar een parkje rondom is gebouwd. Ook de Capitaineria is vriendelijk en in Rio blijken we allen ingeklaard te hebben en nooit zijn vertrokken; zij strijken deze fout weer glad. Ook is er tijd om klussen te doen en veel wasjes te draaien.
Op de club wordt ik spontaan uitgenodigd voor een feestje. Veel mannen met te veel drank en sterke verhalen. Op de haven is een kok in dienst en die is bereid mij nog een biefstuk te maken. Hij doet er erg zijn best op en het is met groente en prachtig gesneden aardappelen een schilderijtje. Eet het met smaak tot verwondering van de omstanders, want zij eten s ’middags warm. Het is een erg vriendelijke jachthaven hier in Florianapólis en ook nog eens erg goedkoop. Een week liggen kost hier net zo veel als 1 dag in Paraty.
De weersverwachting geeft sneller dan gedacht een oostenwind en dan is het tijd om te vertrekken. Uitgerust en bijgekomen ben ik klaar voor het laatste stukje Brazilië. We koersen aan op Rio Grande Sul; het uiterste zuiden op de grens met Uruguay.

1 Oktober:

Passeer weer meerdere grenzen. Het log gaat aan de 7.000 zeemijl voorbij; een serieuze afstand! Ook passeren we de 30 graden Zuiderbreedte en omdat 21 september geweest is, vaar ik nu in de lente van het zuidelijk halfrond. Aan het water is daar niet van te merken, want gestaag gaat die onderuit en zit nu net boven de 13 graden.

De wind is weer eens erg wisselend. Rond de boot is een groene baard aan het groeien en ook is de anti fouling hier en daar beschadigd. Daarom wil ik proberen  Rio Grande op de kant te gaan en het schip schoon te laten spuiten. De speciale verf heb ik mee gebracht en kan ik er zelf op aanbrengen. Daarom gekeken naar het eerste slotje wat de overgang mogelijk maakt. De 350 mijl heeft alleen in het begin een vluchthaven; de rest is een duinenkust zonder havens. Je moet dus of in één keer door of terug; er is geen alternatief. Gaven de weerberichten aanvankelijk aan op zaterdag te vertrekken, blijkt op donderdag dat alles 1 dag eerder komt en daarom vertrekken op vrijdag.  S ’Morgens eerst nog boodschappen doen en alles klaar maken voor vertrek. Net voordat ik weg wil gaan, komt er een ongelofelijk sympathieke collega zeiler met zijn rubberbootje de Necton bewonderen. Hij wil graag alles zien, maar ik wil nu weg. Hij besluit een stukje mee te varen en is jaloers op de wendbaarheid vn het schip. 2 Motoren is ook wel erg bijzonder en vooral als je alleen bent, erg handig. Jammer dat we elkaar niet eerder hebben ontmoet, maar de zuidenwind dwingt me op te schieten. Voor maandag 12u moet ik er zijn, anders krijg ik zwaar weer recht voor de kop. We nemen afscheid en hij benoemt de Necton als het ultieme schip, waar ik natuurlijk wel trots op ben.
We varen tussen de ondiepten door het fjord uit en bij de ingang is de wind nu weliswaar weg, de deining is nog fors, een dikke 3 meter schat ik. De pilot waarschuwt voor brekende zeeën en dat doen ze ook. Op de plotter heb ik een goed overzicht van de dieptes en daar waar het niet 8, maar 7 of 6 meter diep is, brekend de grote deining golven met vette krullers. Op het ondiepste stuk, de drempel van 7 meter, krijg is 2 vrijwel loodrechte golven achter elkaar. Even lijkt het of we met de neus naar de lucht wijzen, om vervolgens met een doffe klap weer naar beneden te donderen. De motor had ik al minder toeren gegeven en als een eendje ondergaan we het geweld. Geen water aan dek; wel een beduusde schipper. Met windkracht 3 te doen, maar als het harder had gewaaid?
De dieptemeter loopt op en ik wordt altijd blij van 50m, helemaal gelukkig met 100m +.  Hoewel ik altijd wat meer de zee op ga om vissersboten te mijden, blijft de wind toch onder invloed van de kust. Er zijn veel momenten dat de wind het even niet weet en het klopt niet met de mooi voorspelde 15 knopen. Regelmatig zeilen wisselen en zodra het kan alles erop; beneden de 4 mijl voortgang, de motor bij. Zo kan ik er maandag voor het draaien van de wind zijn, want helemaal terug lokt natuurlijk niet. De 2e nacht vaar ik zelfs met een rif achterin en vaar met ruim 8 knopen een deuk in de afstand. Windsnelheid die nacht 20 knopen.

Middagbestek:

Vrijdag    27 september vertrek 14.00u
Zaterdag 28 september 29.33Z 48.57W afgelegde afstand 125 mijl
Zondag   29 september  31.09Z 50.33W       “           “      136 mijl
Maandag  aankomst                                   “           “      109 mijl +
Totaal                                                                           366 mijl

Onderweg heb ik de hele reis gezelschap van 4 grote vogels, een soort albatrossen? Er zijn 2 kleinere in een donker verenpak en 2 grote. Ze scheren onvermoeibaar over het wateroppervlak op zoek naar iets eetbaars. Het opvallende is dat je niet kunt waarnemen dat ze de vleugels bewegen; ze zweven continue. Wel hebben ook zij kennelijk behoefte aan gezelschap, want ze blijven rond het schip hun kostje bij elkaar scharrelen. Kan op de boot geen boekje over vogels vinden. De volgende keer maar mee nemen, want dan kan ik opzoeken hoe ze heten.
Het alleen varen wordt al routine. Vind het helemaal niet vervelend om alleen te zijn, mis wel het gezelschap. Ben toch meer een sociaal dier dan een solist. Nog een weekje en dat is ook dit schip weer gevuld met meerdere stemmen en interactie tussen mensen; wel zo gezellig.
Buiten hoor ik een rauw brulachtige schreeuw. Hier???Zeeberen 2 Walrusachtige grote beesten met hele lange bromsnorharen liggen lui in het water en rollen zich wat op de zij om met hun flippers te zwabberen. Uit het boekje kan ik opmaken dat het zeeberen zijn, rond de 200kg! Camera aan de stroom, dus net te laat; hopelijk zie ik ze meer.
Als ik 5 mijl gemiddeld maak, kan ik morgenochtend bij daglicht bij de haveningang zijn. Hoop natuurlijk weer te kunnen zeilen, maar de wind is te weinig om de zeilen goed te vullen. Omdat er nog forse deining staat, slingeren we fors. De zeilen klapperen daardoor enorm en de slijtage is groot. Moet daarom besluiten de fok er af te halen; achter het grootzeil naar beneden en voor 1 rif er in te zetten. Hierdoor kan het grootzeil veel strakker getrokken worden en werkt het prima als slingerzeil. De motor er bij  en voor de avond valt, rolt er een mistbank op ons af. Het zicht reduceert tot vrijwel niets en alles wordt nat; we varen in een wolk. Natuurlijk net als er vissers in de buurt zijn, maar gelukkig zie ik deze wel op de radar. Deze boten zijn wat groter en geven wel een echo.
Omdat ik een koers dicht bij de pieren heb ingesteld, verdwijnt het scheepvaart verkeer op afstand en gelukkig zijn er niet  veel vissers. Zo varen we op ecospeed de nacht in.
Bij het aanbreken van de dag is alles grijs. Wel is het zicht iets beter en dan doemt de lange pier uit het grauwe grijs op. Het is vrijwel blak stil, dus geen wind en rimpels op het water. Nog wel een forse deining en dat geeft een wonderlijke zee. Voor mij draait een vissersboot tussen de pieren en die kan in de nevel mooi mij de weg wijzen. Voor de pier gekomen vallen we bijna stil over de grond. Blijkt er een hele sterke dwarsstroom te lopen en snel zet ik ook SB motor bij. Samen op vol gas, kruipen we naar binnen. Wow, weer heel bijzonder en ik ben blij dit met daglicht te zien. Moet heel fors opsturen om niet te verlijeren. De vissersboot voor mij verdwijnt in een dikkere mist en het komt weer even op de radar aan. Ook komen mij vissersboten tegemoet die aan de verkeerde kant varen en dat maakt het best spannend. Gelukkig trekt de mist weer wat op en zie ik mijn loodsbootje voor mij weer. Nu binnen de pieren haal ik hem zo ver in, dat ik op gepaste afstand kan volgen. De boeien op de kaart liggen allemaal anders en op de kaart staat ook aangegeven dat dit gebeurt zonder dit door te geven. Daarom ben ik wel blij met de visserman voor mij.Pier Rio Grande
Er loopt een 3 mijls stroom tegen, ondanks dat ik er met laagwater ben. We zouden nu stil water moeten hebben, maar het grote meer als achterland, heeft kennelijk nog veel water om te lozen. Zo stomen we de rivier op langs grote schepen die soja komen laden en natuurlijk tankers. Dan BB uit naar het stadje en helemaal achteraan is een kleine jachthaven. Heb de kiel al wat opgetrokken, want de pilot waarschuwt voor 2m maximale diepgang. Dat blijkt nog iets te optimistisch, maar met een hefkiel kom je vrijwel overal binnen. We zijn wel een beetje groot voor het haventje en de havenmeester weet het even niet. Een man die ook met zijn zeilboot op bezoek is en in een grote box ligt, roept dat hij vertrekt en als ik de fenders binnen haal, pas ik met de 4m net tussen de paaltjes. Met het kontje naar de steiger liggen we vast in Rio Grande Sul; eindpunt van de reis in Brazilië.

Bericht verstuurd op 20 oktober.

2 Oktober gaan Margriet en Anne onderweg naar de Necton. Er wordt een tussenstop gemaakt in Rio de Janeiro want, eenmaal in Brazilie kun je daar toch niet zomaar aan voorbij reizen! Ze logeren onderaan de suikerbrood berg en gaan er uiteraard met de kabelbaan naar boven om van het adembenemende uitzicht te genieten. Vanuit Rio de Janeiro vliegen de dames over de Copacobana verder zuidwaarts naar Porto Allegre omdat er in het weekend geen vluchten op Rio Grande zijn.

rio 01 rio 02 rio 03

In Porto Allegre wordt de reis per bus vervolgd en eindelijk, op maandag 7 oktober bereiken ze Rio Grande waar Aldert de dames vol ongeduld staat op te wachten. Bij de boot gekomen is de grote verrassing dat deze niet alleen van boven naar beneden is schoongemaakt maar ok nog eens helemaal versierd! Aan boord gekomen blijkt de champagne koud te staan, een hartverwarmend welkom! Margriet wordt ingewijd in de gevaren van brand en man over boord. Kordaat gooit ze de joon bijna letterlijk overboord. Dat zit wel goed met Margriet!

rio 04 rio 05 rio 09 

Op de haven horen we dat een trip over de binnenwateren naar de stad Pelotas erg de moeite waard is. Omdat het voor Margriet een mooie manier is om aan de bewegingen van de Necton te wennen, gaan we op verkenning uit. De grote binnenzee heeft ook als bijnaam de binnen oceaan en hij is inderdaad erg groot. Het is een tripje van 30 zeemijl en het eerste stuk is tussen de boeitjes door. Bij de afslag gekomen, zien we veel visstokken. 2013 oktober  mail rode boei tussen de stokkenDe vissers houden zich niet bepaald aan de boeienlijn en bij de eerste boei hebben we moeite de ingang te vinden. De rode boei staat midden tussen de stokken. Om beter manoeuvreerbaar te zijn, laten we de zeilen zakken en gaan op de motor verder. Zo zoeken we onze weg en zijn blij dit met daglicht te kunnen doen. De rivier naar Pelotas is inderdaad mooi om te zien. Beide groene oevers met witte reigers aan de kant. Vissershuisjes afgewisseld met luxe huizen en uiteindelijk de stad met haar Favuelas.
We hebben de keus uit 2 jachthavens: 1 een klein riviertje op en de ander dichter bij de stad. We kiezen voor de laatste en i.p.v. de haven in te varen, worden we naar de rivieroever gedirigeerd. Een mooie plek pal voor het clubhuis. Als we de omgeving gaan verkennen en de bewaakte poort uitlopen, is het contrast met de omgeving groot. Kleine armetierige huisjes aan een stoffige straat en veel loslopende honden. Ondanks het grote contrast, voelt het niet onveilig en we vinden verderop een klein winkeltje, waar ze broodjes verkopen. Als we vragen of ze ook ceboles (uien) hebben, schudt de man het hoofd. Vanuit het kamertje achter de winkel reageert een vrouw en vanuit haar privé voorraad krijgen we er twee. Het sympathieke gebaar beantwoorden we financieel ruim en beiden zijn we gelukkig.
We verkennen de stad door er met de bus naar toe te gaan en er is veel vergane glorie. Terug aan boord komt Paulo Baptista langsrio 06 en hij belooft ons de volgende avond wat van de stad te laten zien. We hebben de man in Rio Grande Sul ontmoet en hij woont hier. Hij legt ons uit dat Pelotas staat voor een bootje gemaakt van koeienhuiden, die vroeger door de indianen werd gebruikt om de rivier over te steken. In de 19e eeuw kende deze plaats een ongekende groei door de vleesproductie van koeien. Het vlees werd gezouten en gedroogd en overal naar toe vervoerd. In de stad werden grote huizen gebouwd, die er nu een beetje vervallen bij liggen. Met de komst van de koelkast in de vorige eeuw, verdween de noodzaak van gedroogd vlees en kende Pelotas een langdurige periode van krimp. Veel ligt te wachten om hersteld te worden. Wel is er een aardig parkje in het midden van de stad en ruime winkelstraten met veel hetzelfde aanbod van wat armetierige goederen.
Op de rondleiding van Paulo laat hij ons nog een huis zien, waar de kerkers van verlicht zijn. Hier woonden  de slaven. De vroegere rijkdom is vergaard door uitbuiting van slaven, waar Brazilië als laatste land mee doorgegaan is tot 1888. Onder druk van de Engelsen zijn ook zij er toen mee opgehouden.

Op de ochtend van vertrek krijgen we nog een rond tour aangeboden en dat betekent vroeg op. Eerst laat Paulo ons een oude Nederlandse stoomsleepboot zien. Hij vraagt zich af hoe deze ooit naar Pelotas kwam en wil er een museum van maken. De staat van het schip is volkomen doorgeroest en alles onder en vol water; wij zouden er geen gat in zien.
rio 08We bezoeken een Charqueada, een hoeve die nog volkomen in tact laat zien hoe vroeger de mensen leefden. Het achterhuis grenst aan de rivier, waarvan men schrijft dat die rood kleurde van het bloed van alle geslachte koeien. Ook laat Paulo zijn botenverzameling zien. Hij heeft veel (kleine) zeilboten, die allemaal aandacht nodig hebben. Ook heeft hij een huis bij de andere jachthaven, waar hij ooit hoopt te gaan wonen. Zijn zoon krijgt dan een plekje verderop. Plannen genoeg om zeker 100 mee te worden.

Wij varen terug en genieten van een mooi tochtje. Nu op de kaartplotter de vorige reis staat opgeschreven, is de druk er vanaf en kunnen we meer genieten van het landschap. We zeilen een stuk en varen het laatste stukje op de motor naar binnen. Daar blijkt ons oude plaatsje nog vrij. Roberto staat op de kant om onze touwtjes aan te nemen. Zijn dochter Ellen heeft ook ons schip bewonderd en kon er niet bij dat een boot ook een wasmachine aan boord kan hebben. Zij zijn ook weer aardige mensen van  Rio Grande, een plek waar je je een beetje thuis kunt voelen.

De volgende ochtend nemen we het op ons om de lange tocht langs de formaliteiten te maken. Bij de Federal, die onze paspoorten van een uitreisstempel moet voorzien, ontmoeten we een aardige meneer die prima Duits spreekt. Hij schept er duidelijk plezier in om deze voor hem moeizaam geleerde taal te kunnen oefenen en biedt spontaan aan ons naar de douane te brengen. Hij vertelt over de grote criminaliteit in Brazilië en hoe moeilijk het is om deze onder controle te krijgen; het is een beetje een verhaal van water naar zee dragen en het heeft hem bij een schietpartij het topje van zijn vinger gekost.
Bij de douane is het even zoeken en veel papierwerk om ook het schip weer vrij te krijgen. De grote baas die een stempel moet zetten is zoek en gelaten wachten wij op zijn terugkomst. Dan nog de Capitaineria en die is na al die uren natuurlijk dicht. Een matroos op wacht belt en er komt zowaar iemand aan die vlot en snel de paperassen regelt. Goede reis! Een klein kreetje van vreugde kan ik niet onderdrukken; we kunnen weg . Ons laatste geld shoppen we op en de volgende ochtend diesel tanken. Blijken ze geen pin te hebben. Terug naar de stad om te pinnen en net voor de middag vertrekken we definitief.

Brazilië laat vooral een lief woordje na. Ze gebruiken het veel en het bestaat uit 2 letters  oi. Het lijkt wel wat op ons gebruik van doei, maar ze gebruiken het ook om aandacht te trekken. Heel bescheiden klinkt het dan oi?
Brazilië, een snelgroeiend land met veel lieve mensen en helaas ook corruptie en diefstal. De tegenstellingen zullen hier nog wel even blijven; ze zitten in de cultuur verankerd.  Wij varen naar de ingang en uiteindelijk de lange pieren uit. Koers Zuid,  op weg naar nieuwe avonturen.

Er is ons een mooie oostenwind beloofd en die is er ook, maar helaas wat minder als verwacht. Dit houdt in dat we van de reis aanvankelijk een stuk motorren en als de wind dan toe neemt genieten van het zeilen. Het water wordt snel kouder en daalt naar 12 graden C. De bijwerking is dat we te maken krijgen met mist en slecht zicht. Er zijn hier geen havens waar (kleine) vissersboten vandaan kunnen komen en de grotere zien we wel op de radar. Deze hulpbron voegt veel veiligheid toe. De 2e dag draait de wind veel eerder als de bedoeling naar het ZO en later naar ZZO en dat is er helaas vrijwel tegen in. Dit is voor ons niet te bezeilen en de zee bouwt snel op. Eerst een windkracht 4, dan strak 5 met uitschieters naar 6. Dit is niet bepaald comfortabel vakantieweer en Anne en Margriet hebben het moeilijk met de stampende bewegingen van het schip. Zelf heb ik hier ook een grote hekel aan en even overwegen we de haven van La Paloma in Uruguay binnen te lopen, maar met het passeren van de grens Brazilië – Uruguay geeft dit ons nieuwe energie. Margriet heeft een nieuwe tactiek uitgevonden. Al voor de heftige bewegingen is ze verhuisd naar de midden hut en heeft zich met haar E-reader comfortabel  in haar bedje geïnstalleerd.rio 10 Beide dames geven de voorkeur aan doorvaren en daarmee tonen ze waardige zeemansvrouwen te zijn. Als beloning laat Neptunus de wind afnemen en zo gaan we steeds sneller en rustiger richting de hoek genaamd Punte del Este. We zijn nu helemaal in de mood en varen in een stuk door naar onze eindbestemming Montevideo. De havenstad Piriapolis die we voorbij varen, kunnen we ook met de bus bezoeken.

Middagpositie:
Vrijdag    11 oktober  32.02Z 52.07W afgelegde afstand     2 mijl
Zaterdag 12 oktober 34.00Z 53.06W      “                  “       133 mijl
Zondag   13 oktober 34.59Z 55.22W       “                 “       134 mijl
Aankomst 17.45                                          “                 “         36 mijl +
Totaal                                                                                        306 mijl

De jachthaven Buceo, een luxe buitenwijk van de stad Uruguay, brengt ons een kleine haven waar vandaan ook de loodsboten vertrekken. De haven is erg dicht geslipt en wordt daarom uitgebaggerd. Daardoor is er 1 pier niet beschikbaar en de haven kampt daardoor met beschikbare plaatsen. We krijgen aanvankelijk een plek aan de boeien van de loodsboten toegewezen, later moeten we verhalen naar een boei, pal voor de ingang van de haven. Elke golf die tussen de pieren binnenkomt zet de Necton in beweging en soms slingeren we daardoor behoorlijk. Er is geen alternatief en we moeten het ermee doen. Gelukkig is het rustig weer.

We maken kennis met een nieuw land en een nieuwe grote stad. Montevideo is met zijn Spaanse oorsprong net als Madrid ruim opgezet en er zijn veel bomen in de stad. De bebouwing doet Europees aan en de winkels geven een aanbod van goederen met een veel hogere kwaliteit dan we gewend zijn. De smaak is ook veel dichter bij die van ons en samen met een mild klimaat, krijgen we een mooi beeld van Montevideo op ons netvlies. We wandelen gezellig over de pleinen en de parkjes. De supermarkt geeft veel vers en meer groenten die wij ook van huis uit kennen.
Om iets meer van het land te zien, kiezen we voor een busreis naar Piriapolis te maken. De bussen kennen geplaceerde stoelen en is gewoon luxe. Wel duurt de reis redelijk lang en een beetje gaar stappen we na 100 km in het stadje uit. Het blijkt een vakantiestadje te zijn, waar veel huisjes en grote huizen voor vakantiebestemming in wintermodus zijn afgesloten; het ligt er wat verloren bij. Wel heeft het een jachthaven met prima werf faciliteiten. Ook hebben ze een kabelbaantje en natuurlijk laten we ons de berg omhoog brengen. We hebben een weids uitzicht en kunnen in de verte Punta del Este te zien liggen. Na wat rondzwermen, de bus weer in en de lange weg terug.
Margriet nodigt ons uit om uit eten te gaan en we komen in een uitstekend visrestaurant terecht. De dame van het restaurant spreekt Engels en zij doet erg haar best om het ons naar de zin te maken. Mijn verzoek om een platte vis, oftewel een soort schol te eten, eindigt in de keuken waar ze me door de kok de vis laat zien. Hoewel gefileerd, is onmiskenbaar aan de vorm de platte soort te herkennen en het plaatje op haar telefoon met een op internet gegoochelde “schol” bevestigd het vermoeden. Anne en Margriet kiezen voor een risotto met zeevruchten en het blijkt een onnavolgbare soort paella te zijn. We genieten het heerlijke eten en de wijn uit Uruguay. Voor een heel redelijk bedrag hebben we hier uitstekend vis gegeten en als je ooit nog in Montevideo bent moet je zeker eens bij Calandraca Marisqueria langs, restaurantwe kunnen je het van harte aanbevelen! Voldaan gaan we naar het bootje terug.
Ook bezoeken we een ongelofelijk grote Shopping Mall. Knetterende muziek, in elke winkel weer anders, maakt dat we er wat verdoofd weer uit komen. In de supermarkt proberen we ons contante  geld op te maken en rekenen de rest met de pin af. Morgen met het restje bewaarde nog een broodje kopen en dan vertrekken we naar de eindbestemming van deze etappe Buenos Aires.

Zaterdag 20 oktober wordt er een stempel in de scheepspapieren gezet, we verlaten Uruguay.

Margriet gaat met de laatste pesos aan wal om deze in te ruilen voor brood. De wind is helaas minder dan voorspeld maar wel uit de goede richting. Maandag wordt er ernstige zuidenwind voorspeld en dan is deze plek ik de havenkom niet prettig. We vertrekken naar Buenos Aires!

Bericht verstuurd op 28 oktober.

We vertrekken woensdag 23 oktober begin van de middag met blakstil weer en een zonnetje er bij. De belofte is meer wind en als Montevideo aan de horizon steeds kleiner wordt, begint het eerst met een klein zuchtje en al ras worden de omhoog gehesen zeilen gevuld. De motor kan uit en aanvankelijk glijden we haast geluidloos door het water. Heerlijk is dat toch, het voortbewegen op de wind. We genieten van het zeilen en de dames vermaken zich met de e-reader en het breiwerkje. De avond valt en het wordt ook aan de hemel meer en meer donker en steekt de wind op. Als de dames slapen, gaat het eerste rif er in en in de loop van de nacht neemt de wind als maar toe. Bijna halve wind en de Necton scheurt over de Rio de la Plata. Om niet al te scheef te gaan en de dames te laten slapen, houden we het bij ruim 8 knopen. De wind neemt toe tot een straffe 7 en de zee bouwt op. We beginnen ook in deze ondiepe delta, die een beetje aan het IJsselmeer doet denken, behoorlijk te stampen. Margriet ligt voorin en wordt door het in een golfdal vallen, soms bijna van bed gelanceerd. Ondanks dat het andere bedje beschikbaar is, blijft ze dapper liggen, zich wel vastklampend om niet uit bed te vallen. Zo stampen en slingeren we de nacht door, tot er een knalrood ochtendgloren zich aan dient. Onder bliksemflitsen en donder van onweer, breekt de ochtend aan. De wind wordt minder en het begint overvloedig te regenen. Bij het bereiken van de vaargeul naar Buenos Aires wordt het droog en varen we tussen de pieren door.2013 oktober aankomst buenos aires Er zijn volgens de pilot 2 jachthavens en de eerste varen we voorbij, omdat deze is afgesloten met drijvers en de  andere midden in de stad ligt. In de binnenhaven aangekomen, zien we de snelle Ferry’s, we zien geen jachthaven. Is deze opgeheven? Dan maar terug naar de drijvers en geduldig blijven we er voor liggen. We zien iemand, maar die doet net alsof we er niet zijn. Stug volhouden helpt meestal en eindelijk komt er een bootje aan en worden de drijvers middels hydrauliek geopend. We worden naar een plek gedirigeerd en zijn aangekomen bij Yacht Club Argentino Buenos Aires!
Helaas ook hier weer veel papier en stempel gedoe. We worden van het kastje naar de muur gestuurd en het komt er weer op aan de procedures goed te weten. Doordat we in het weekend aankomen, gaat het wat moeilijker en aangekomen bij de immigratie, bleek dat we dit per omgaande hadden moeten doen. We worden doorgestuurd naar een wel heel bijzondere ambtenaar. De oude man zit in een stoel heel traag te bewegen en het lijkt of hij elk moment kan omvallen. Heel traag zegt hij: no problem en scheurt een immigratiepapiertje met een liniaal zo langzaam af, dat het lijkt alsof we in een film zitten. Ook het invoeren in de computer gaat in slow motion; wel krijgen we zo onze begeerde stempels!

We maken kennis met een stad die in een beschrijving heel typerend als “an electrifying City” wordt genoemd. Er wonen hier 16 miljoen mensen, bijna evenveel als in heel Nederland en 40% van de Argentijnse bevolking woont hier. De binnenstad is levendig en hele lange straat Defensa heeft een onuitputtelijke rij kraampjes. Het golft voor ons uit vol met kraampjes waar het gezellig wandelen is . We kijken naar al die voor ons vreemde spullen.
De winkels bieden een meer Europees aanbod en het maakt dat we ons hier snel thuis voelen. Nieuw is er de muziek en de tango, die ook op straat bij de restaurants voor de toeristen wordt beoefend. We genieten van de atmosfeer en de gezelligheid. Ook blijven we alert op zakkenrollers, want af en toe komen er kleine kinderen met een moeder voorbij die al bedelend de gelegenheid biedt om een klein kind achter ons aan de tassen te laten zitten. Gelukkig hebben we deze truc door en Margriet reageert er terecht boos op. Wat overheerst is de dynamiek van de stad.

Margriet en Anne lopen net als de dwaze moeders  een rondje op de Plaza de Mayo en dit laat een behoorlijke indruk achter. We bezoeken het paleis en horen en zien hoe daar de presidenten en voor ons vooral Eva Peron heeft geleefd en gewerkt. We lopen midden in de geschiedenis die dit land zo vaak zwaar heeft getroffen. Nu is er veel bouwactiviteit te zien en een gonzende samenleving.2013 oktober  buenos aires dwaze moeders
Ook is er weer de armoede en het is even schokkend om een moeder haar kind in een vuilniscontainer te zien tillen, die daar iets eetbaars gauw in zijn mond stopt. Dit zijn weer beelden die wij niet kennen.
We zoeken een restaurantje om het veel aangeprezen vlees te gaan eten en komen van een koude kermis thuis. Het vlees is en vet en veel te snel gegrild. Wat zwartgeblakerd en taai is het niet te eten; we hebben een keertje pech.
Wandelend de stad in, zien we dat we de ingang naar de stads-jachthaven hebben gemist. We hadden nog even door moeten varen en daar is een brug die toegang tot de grote Marina geeft. Geen enkel bord om de weg te wijzen en wij hebben daardoor het geluk gehad om terecht te komen in een vriendelijke omgeving. De Yacht Club Argentino waar we nu liggen biedt een week voor niets liggen en de administratie doet alles om het ons naar de zin te maken. Via hen krijgen we te weten hoe het schip uit het water kan en waar dat kan gebeuren. Ze proberen contact tot stand te brengen, maar op de E-mails wordt niet gereageerd. Wel wordt de basis gelegd en onze komst voorbereid.

We bezoeken in het binnenland de watervallen van Iguazu, wat ligt op het 3 landenpunt Brazilië, Paraquay en Argentinië en het is 1.200 km vanaf Buenos Aires. Hiervoor boeken we een reis in een luxe bus. Deze is uitgerust met slaapstoelen die helemaal tot een bed plat gelegd kunnen worden en deze zal ons in 17 uur naar de watervallen brengen. Zo hebben we nog nooit gereisd en dit willen we ook wel eens meemaken. Vliegen is maar 2 uur, maar 3 x zo duur.
Anne en ik hebben de laatste rij achter in de bus en mijn stoel blijkt niet helemaal te kunnen klappen. Dat scheelt wat slaap; wel zijn het hele grote luxe leren fauteuils waarin je als een vorst zit. Er is zelfs bediening aan boord en het eten lijkt een beetje op dat in een vliegtuig. Door de vele weg op brekingen duurt de reis een stuk langer en we doen er maar liefst  21 uur over. Hierdoor missen we de tour van de middag. Aangekomen in het hotel wordt voor ons direct geregeld dat we deze tour overmorgen vroeg kunnen doen, net voor onze terugreis aan. Ze zijn hier duidelijk goed ingesteld op massatoerisme en wij zijn blij het via een touroperator te hebben geboekt.
We verkennen het stadje en eten smakelijk bij de Thai. De stroom valt uit en wij krijgen een kandelaar aangereikt op het moment dat het eten wordt opgediend. Heel genoeglijk genieten we van de stilte, want de airco is nu ook stil. In deze bijzondere ambiance eten wij met smaak en genieten van elkaars gezelschap.

De volgende ochtend worden we stipt op tijd opgehaald en gaan we de watervallen aan de kant van Argentinië bezoeken. De watervallen zijn niet zoals vaak over een stuk rivier, maar heel bijzonder door de natuur gevormd, valt het water over de volle lengte over de vorm van een hoefijzer naar beneden. Middenin is een eilandje. Er valt 1.000.000 liter water/seconde naar beneden en hiermee  is Iguazu de grootste waterval van de wereld.
De 7 wereldwonderen zijn ooit benoemd in de Griekse oudheid en daarvan bestaat er nog maar 1, nl de piramiden. Er schijnt een nieuwe lijst in de maak te zijn, waarop de Grand Canyon niet meer voor komt, maar de watervallen van Iguazu wel.
Via goede looppaden worden we eerst naar de Devils Throat gevoerd. Het water stort zich hier met geweld naar beneden in een grote diepte. Devils throatAlleen die van de Niagara Falls schijnen nog een groter verval dan deze 80 meter te hebben. Het geweld is overweldigend en als je er met het plastic jasje aan dichtbij op stelt, voel je de energie en de wind. Wow, dit is van een grootsheid, waarin woorden te kort schieten.
Daarna doen we de wandeling langs de brede kant en later die ergens op de helft, op de plek waar het water via trappen naar beneden stroomt. We krijgen er geen genoeg van en schieten vele bijzondere foto’s. Het laatste van de dag tour is naar beneden en daar is de mogelijkheid om met een grote rubberboot de onderkant van de watervallen te bezoeken. We kunnen de verleiding niet weerstaan en gaan meerdere keren op de watervallen af. Door autra, autra te roepen, ging de schipper nog een keer. Dicht bij het water is er natuurlijk veel schuim en nevel en we worden zeik nat. Mijn paspoort had ik in de rugzak gedaan en die was weer verstopt in een zgn. grab bag, die hermetisch afgesloten kan worden. Ondanks al deze voorzorgsmaatregelen toch helemaal  verzopen. We racen over de rivier een stukje naar beneden en worden daar af gezet om met een vrachtautootje terug gebracht te worden. Onderweg krijgen we uitleg over de grootte van het park en over de fauna en de flora. Bij toeval zien we een Toekan (kleurrijke vogel met grote snavel) voorbij vliegen, achterna gezeten door 2 veel kleinere vogeltjes, die agressief het beest op de nek zitten. Onze gids legt uit dat de toekan leeft van het stelen van eieren en het verorberen van  kuikentjes. Niet bepaald een lieverdje dus en nu begrijpen we het gedrag van de beide vogeltjes.

De volgende dag passeren we eerst de Braziliaanse grens, wat vlot en snel wordt geregeld. Aangekomen bij het uitzicht punt, zien we op meer afstand de watervallen. We krijgen daardoor een beter overzicht. Er is een 1km lange wandel tocht naar een soort loopbrug, die je over en direct bij de waterval brengt. Op het eind stort het water zich met geweld naar beneden en weer die enerverende ervaring van en nat worden en de energie voelen en het geraas van het water horen. Het geeft mij een soort boost in energie terug en ik wordt er heel  vrolijk van. Later lopen we er gedrieën nog van te zingen:  to stop the train….We ronden de tour af met een bezoek aan een plek pal naast de waterval en wat een geweld!
iguazu vanuit de luchtMargriet durft het aan om nog een rondvlucht met een helikopter te maken; wij zitten vol. Zij krijgt ook van boven nog een goed uitzicht bezoekt ook nog eens de grote dam, die een eindje verderop ligt. Hier wordt heel veel elektriciteit opgewekt. Verzadigd met indrukken gaan we terug naar ons hotel en gaan in het dorpje nog wat langs de vele souvenirwinkeltjes. Ook weer wat leren dingen gekocht, want daar is Argentinië toch bijzonder mee. De lange weg per bus terug en om 09.30 zijn we terug bij de boot. Het was een bijzondere ervaring die grote indruk achterlaat.

Helaas is er geen antwoord gekomen op het verzoek aan de andere jachthaven van Yacht Club Argentino in San Fernando om ons uit het water te hijsen. Omdat het zaterdag is en de administratie niet bemand is, vertrekken we maar op ter plekke te gaan kijken. Gelukkig heb ik al kleine kaartjes bij me, waarop getekend staat hoe te varen, want de ingang naar de rivier richting Fernando is erg ondiep. We zijn er met pal hoog water om 11.40 en de dieptemeter geeft 1meter 20 aan. De kiel sleept door de zachte bodem en gelukkig kunnen wij onze hefkiel helemaal op trekken en zijn daardoor maar 1.35m. Dan valt de dieptemeter uit en merken we inderdaad dat het schip erg vertraagt. Ik durf de motoren niet zachter te zetten, omdat ik bang ben dat we dan vast blijven zitten en gelukkig blijven we in beweging. We varen volgens de instructie pal langs “the green pillars” en bereiken zo weer diep water; we zijn er door!
Bij de jachthaven aangekomen varen we door tot de boot lift die er inderdaad is en bijna worden we gelijk opgetild. De baas wil echter papieren zien en ondanks de mail, blijkt dit niet voldoende. Of de douane al op de hoogte is? De douane, wat heeft die er nu mee te maken? Weer een heel gedoe met papieren wat niet eerder dan maandag in gang gezet kan worden.
Dit geeft ons de gelegenheid om nog een keer de stad Buenos Aires te bezoeken en juist deze zondag zijn er presidentsverkiezingen. Gelukkig zijn er wel wat winkels open, maar een biertje zit er niet in. Alcoholvrij deze dag en nergens wordt het verbod geschonden. De bus is wel van de wap en we zijn met lijn 60 gekomen, maar er blijken diverse varianten van te bestaan. Nadat we de halte gevonden hebben, moeten we meerdere lijnen 60 voorbij laten gaan omdat deze toevallig niet naar San Fernando terug gaat. Uiteindelijk lukt het wel en met ruim 1 ½ uur in de bus zijn we terug. Hier in San Fernando vinden we een prima Italiaans restaurant, waar de taal toch wat parten speelt. Margriet bestelt iets spannends en krijgt waarom ze vraagt. SanFernando 1Grote paarse armen van een octopus, met dikke zuignappen erop. Los van het feit dat het er niet uit ziet, smaakte het ook nog eens taai. Gelukkig was er goede wijn om het weg te spoelen.
De papieren met de douane worden geregeld en dinsdag kunnen we om 08.00 het water uit. Anne en Margriet maken zich op om de lange tocht naar huis te beginnen.  André Keupers komt aan boord om mee te varen naar Puerto Williams.SanFernando Weer zit een etappe er op. Een paar weken heb ik mogen genieten van het gezelschap van Anne en het schip voelde daardoor compleet. Margriet blijkt zoutwatergenen te bezitten en het was gewoon erg gezellig. Ik zal ze beide node missen……..2013buenosaires afscheid               2013 oktober  buenos aires werf

 

 

 

 

Copyright © 2012. Necton.